Gelet op de ingediende jaarrekening 2025 van kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad;
Gelet op de goedkeuring door de kerkraad van kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad op 10 februari 2026;
Gelet op de ontvangst van het dossier door het stadsbestuur op 9 maart 2026;
Gelet op de bijkomende gegevens verkregen vanwege An Raskin;
Gelet op de voorafgaande interne kredietaanpassing.
Gelet op het feit dat na vaststelling van het ontbreken van het laatste bankafschrift van de werkingsrekening ons dit werd bezorgd;
Overwegende dat de intresten 2025 van de investeringsbeleggingen in 2026 nog dienen overgeboekt te worden van de patrimoniumrekening naar de werkingsrekening zoals ook vermeld in de verklarende nota;
Overwegende dat de aanpassingen aan de interne en externe bliksembeveiliging van de kerk, 11.460,93 euro, en de herstellingen aan de kapel, 6.195,00 euro, door kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad met eigen middelen werden betaald;
Overwegende dat er in de jaarrekening 2025 van kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad 1.200,00 euro uitgaven zijn geboekt (75,00 euro per maand) als tussenkomst in de nutsvoorzieningen voor het gebruik van de kantoorruimte in de dekenij en dit voor de periode van september 2024 tot en met december 2025;
Overwegende dat er in de notulen van 10 juni 2025 van kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad sprake was van een tussenkomst, voor het gebruik van de kantoorruimte van de dekenij, van 150,00 euro per maand en dat dit verslag werd geschorst door het stadsbestuur omdat hierdoor potentieel de financiën van de gemeente kunnen worden geschaad;
Overwegende dat het telecompakket (telefonie, internet en televisie) voor de dekenij volledig betaald wordt door de kerkfabriek;
Overwegende dat volgens de richtlijnen van het bisdom, de bedienaar 1/3de van de kosten voor telefonie en internet en het volledige bedrag voor televisie dient terug te betalen aan kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad als compensatie voor het privégebruik;
Overwegende dat kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad zich dient te houden aan de richtlijnen van het bisdom betreffende kosten die voor rekening zijn van het kerkfabriek enerzijds en voor rekening van de bedienaar anderzijds en dat het stadsbestuur weigert om in deze kosten tussen te komen;
Overwegende dat de kosten inzake het telecompakket ten laste van de bedienaar door de kerkfabriek bijgevolg retroactief teruggevorderd dienen te worden bij de bedienaar zodanig dat het stadsbestuur hier op geen enkele wijze voor kan opdraaien (nu noch in de toekomst).
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op de artikelen 40 en 41 van het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke regelgeving:
Gelet op artikel 55 van het decreet van 7 mei 2004 betreffende de materiële organisatie en de werking van de erkende erediensten;
Gelet op het besluit van de Vlaamse Regering van 13 oktober 2006 houdende het algemeen reglement op de boekhouding van de besturen van de erkende erediensten en van de centrale besturen van de erkende erediensten;
Gelet op omzendbrief BB 2013/01 van 1 maart 2013 inzake de boekhouding van de besturen van de eredienst.
Gelet op de uitbetaalde exploitatietoelage 2025 zoals opgenomen in de jaarrekening 2025 van de kerkfabriek en de rekening van de gemeente:
| Exploitatietoelage |
rekening kerkfabriek |
rekening gemeente |
verschil |
| Sint-Martinus Herk-de-Stad |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
| TOTAAL : |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
Gelet op de uitbetaalde investeringstoelage 2025 zoals opgenomen in de jaarrekening 2025 van de kerkfabriek en de rekening van de gemeente:
| Investeringstoelage |
rekening kerkfabriek |
rekening gemeente |
verschil |
| Sint-Martinus Herk-de-Stad |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
| TOTAAL : |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
€ 0,00 |
Artikel 1.
De gemeenteraad beslist om de jaarrekening voor het dienstjaar 2025 van kerkfabriek Sint-Martinus Herk-de-Stad gunstig te adviseren op voorwaarde dat de kosten inzake het telecompakket ten laste van de bedienaar door de kerkfabriek retroactief teruggevorderd worden bij de bedienaar zodanig dat het stadsbestuur hier op geen enkele wijze voor kan opdraaien.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan: