Gelet de beslissing van het college van burgemeester en schepenen d.d. 25 mei 2021 houdende de deelname aan het project Tuinrangers vanaf 2022;
Overwegende dat de kosten voor twee jaar (= vereiste minimum deelname) geraamd worden op 23.500 euro:
- vaste deelnamekosten/2 jaar: 7.000 euro
- rangerkosten/2jaar: 4.500 euro (1.500 x 3)
- tuinkosten/2 jaar: 12.000 euro (40,00 euro/tuin x 50 tuinen/ranger x 3 rangers)
Overwegende dat het budget voor de subsidiëring van de aankoop van natuurterreinen in 2021 op 0 gezet, gezien de intentie tot opheffing van het reglement en de herbesteding van deze voorziene budgetten;
Gelet artikel 2 uit bovengenoemd collegebesluit d.d. 25 mei 2021 waarbij de intentie werd geuit de gemeenteraad te verzoeken de subsidiëring van de aankoop van natuurterreinen à rato van 900 euro op te heffen alsook het subsidiereglement voor de aanleg van kleine landschapselementen, waarvan de voorbije 3 jaar telkens zo'n 800euro van het beschikbare krediet van 2.340,90 euro is uitgekeerd';
Overwegende dat het budget voor de aanleg van kleine landschapselementen voor 2021 nog toereikend is en deze subsidie in het jaar 2021 en kan uitgekeerd worden maar dat vanaf 2022 dit budget te heroriënteren naar het project van de tuinrangers;
Overwegende dat zowel in het klimaatactieplan als in het meerjarenplan 2020-2025 een aantal acties zijn opgenomen in het kader van duurzaamheid en het verhogen van de biodiversiteit;
Overwegende dat zowel de provincie Limburg, de Vlaamse en federale overheid en de Europese Unie de volgende jaren via hun respectieve klimaatplannen sterk willen inzetten op klimaat en duurzaamheid;
Overwegende het voorstel om het lokale gemeentelijke beleid bij voorkeur te laten aansluiten bij de beleidsplannen van deze hogere overheden;
Overwegende dat de oppervlakte van alle tuinen samen groter is dan de oppervlakte natuurgebied in Vlaanderen.
Overwegende dat het faciliteren van maatregelen om deze tuinen aan te passen ten voordele van klimaatadaptatie draagt een groot deel bij aan het veerkrachtiger maken van de samenleving, meer dan de reglementen waarvan thans de opheffing voorligt;
Overwegende dat alle tuinen samen benoemen als Nationaal Park Onze Natuur verhoogt de betrokkenheid van de burgers;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals gewijzigd;
Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen;
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
De budgetten verbonden aan de op te heffen subsidiereglementen heroriënteren ter financiering van de het project tuinrangers;
Artikel 1.
Het subsidiereglement voor het aankoop van natuurterreinen door natuurverenigingen, zoals vastgesteld in de gemeenteraad van 23 december 2013, wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2022.
Artikel 2.
Het subsidiereglement voor het behoud van kleine landschapselementen, zoals vastgesteld in de gemeenteraad van 9 maart 1998 en gewijzigd op de gemeenteraad van 23 december 2013, wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2022.
Artikel 3.
De budgetten verbonden aan de op te heffen subsidiereglementen worden geheroriënteerd ter financiering van de het project tuinrangers.
Artikel 4.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering overgemaakt wordt aan de dienst leefmilieu.