In toepassing van artikel 31 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals gewijzigd, worden volgende agendapunten toegevoegd door raadslid Karolien Grosemans namens de N-VA-fractie:
In toepassing van artikel 31 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals gewijzigd, wordt volgend agendapunt toegevoegd door raadslid Johny Franssen namens de N-VA-fractie:
In toepassing van artikel 31 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals gewijzigd, wordt volgend agendapunt toegevoegd door raadslid Gunter De Ryck namens de Groenfractie:
Deze punten worden behandeld na de behandeling van de gewone agenda in open zitting.
Gelet op het feit dat de algemeen directeur thans met verlof is;
Overwegende dat de heer Bart Bastijns, waarnemend algemeen directeur, momenteel in ziekteverlof is;
Overwegende dat de heer Wilfried Raemaekers, ook waarnemend algemeen directeur, onverwacht net voor deze zitting, wegens persoonlijke redenen, de functie als waarnemend algemeen directeur niet kan opnemen;
Overwegende dat, door deze omstandigheden, het genoodzaakt is de functie als plaatsvervangend algemeen directeur ter plekke van de zitting van de gemeenteraad en de RvMW over te dragen aan de heer Ive Vanderlee;
Gelet op de vraag van de voorzitter, aan de raadsleden, of enig bezwaar kan worden ingebracht aan de toewijzing van de tijdelijke functie als plaatsvervangend algemeen directeur aan de heer Ive Vanderlee;
Gelet op de voltallige instemming van de gemeenteraad tot aanstelling van de heer Ive Vanderlee als tijdelijk plaatsvervangend algemeen directeur voor de huidige zitting van de gemeenteraad en de RvMW;
Enig artikel.
De gemeenteraad gaat voltallig akkoord met de aanduiding van de heer Ive Vanderlee als tijdelijk plaatsvervangend algemeen directeur voor de huidige zitting van de gemeenteraad en de RvMW.
Gelet op de ontwerpnotulatie van de gemeenteraad van 11 oktober 2021;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;
Gelet op het voorinzagerecht;
Na beraadslaging;
De ontwerpnotulen van de gemeenteraad van 11 oktober 2021 zonder opmerkingen goed te keuren.
Gelet de beslissing van het college van burgemeester en schepenen d.d. 25 mei 2021 houdende de deelname aan het project Tuinrangers vanaf 2022;
Overwegende dat de kosten voor twee jaar (= vereiste minimum deelname) geraamd worden op 23.500 euro:
- vaste deelnamekosten/2 jaar: 7.000 euro
- rangerkosten/2jaar: 4.500 euro (1.500 x 3)
- tuinkosten/2 jaar: 12.000 euro (40,00 euro/tuin x 50 tuinen/ranger x 3 rangers)
Overwegende dat het budget voor de subsidiëring van de aankoop van natuurterreinen in 2021 op 0 gezet, gezien de intentie tot opheffing van het reglement en de herbesteding van deze voorziene budgetten;
Gelet artikel 2 uit bovengenoemd collegebesluit d.d. 25 mei 2021 waarbij de intentie werd geuit de gemeenteraad te verzoeken de subsidiëring van de aankoop van natuurterreinen à rato van 900 euro op te heffen alsook het subsidiereglement voor de aanleg van kleine landschapselementen, waarvan de voorbije 3 jaar telkens zo'n 800euro van het beschikbare krediet van 2.340,90 euro is uitgekeerd';
Overwegende dat het budget voor de aanleg van kleine landschapselementen voor 2021 nog toereikend is en deze subsidie in het jaar 2021 en kan uitgekeerd worden maar dat vanaf 2022 dit budget te heroriënteren naar het project van de tuinrangers;
Overwegende dat zowel in het klimaatactieplan als in het meerjarenplan 2020-2025 een aantal acties zijn opgenomen in het kader van duurzaamheid en het verhogen van de biodiversiteit;
Overwegende dat zowel de provincie Limburg, de Vlaamse en federale overheid en de Europese Unie de volgende jaren via hun respectieve klimaatplannen sterk willen inzetten op klimaat en duurzaamheid;
Overwegende het voorstel om het lokale gemeentelijke beleid bij voorkeur te laten aansluiten bij de beleidsplannen van deze hogere overheden;
Overwegende dat de oppervlakte van alle tuinen samen groter is dan de oppervlakte natuurgebied in Vlaanderen.
Overwegende dat het faciliteren van maatregelen om deze tuinen aan te passen ten voordele van klimaatadaptatie draagt een groot deel bij aan het veerkrachtiger maken van de samenleving, meer dan de reglementen waarvan thans de opheffing voorligt;
Overwegende dat alle tuinen samen benoemen als Nationaal Park Onze Natuur verhoogt de betrokkenheid van de burgers;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, zoals gewijzigd;
Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen;
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
De budgetten verbonden aan de op te heffen subsidiereglementen heroriënteren ter financiering van de het project tuinrangers;
Motivering onthoudingen algehele besluit:
Raadslid Lo Guypen wenst de onthouding van de fractie NIEUW en de Onafhankelijke als volgt te motiveren:
De fractie NIEUW Herk-de-Stad en de Onafhankelijke is erg ontgoocheld, ja zelfs verontwaardigd over de beslissing van de Vooruit-Open VLD-CD§V meerderheid om de subsidiereglementen voor het aankopen van natuurterreinen en opheffing subsidiereglement voor behoud van de kleine landschapselementen af te schaffen. Twee symbooldossiers die financieel nauwelijks iets om het lijf hebben maar wel in belangrijke mate bijdragen aan de natuurwaarde van onze gemeente, mee gedragen door de Herkenaren zelf.
Het zal wel toeval zijn maar het moment kon niet beter gekozen zijn. In tijden dat het water de voorbije zomer ons aan de lippen stond tot in de eigen voortuinen, we dagelijks en direct geconfronteerd worden met de desastreuze gevolgen van de wereldwijde klimaatopwarming, op het moment dat het internationaal klimaatcongres in Glasgow probeert de aarde te redden – we hopen hard op het gezond verstand van de politiekers -, durft de Herkse meerderheid twee subsidies ter ondersteuning van natuur en milieu botweg te annuleren.
Niks mis met het project Tuinrangers maar het kost wel flink wat meer (11.750€ tegen 1.700€ subsidieondersteuning) en het is maar af te wachten of deze meerkost resulteert in dezelfde meeropbrengst. Wij betwijfelen het.
Beter ware het om de subsidie-ondersteuning bewust te behouden en af te stemmen op de Tuinrangers. Op die manier wordt de positieve impact op natuur en milieu alleen maar versterkt én blijft de zo belangrijke betrokkenheid van de plaatselijke organisaties en deelnemers verankerd. Een meerwaarde die pas getuigt van een doordacht milieubeleid en een krachtige impuls voor het klimaat.
De fractie NIEUW Herk-de-Stad en Onafhankelijke zou liever een volle ‘neen’ geven aan de afschaffing van beide reglementen maar we hebben geen andere keuze dan ons te onthouden om zo alle mogelijke weerklank te geven aan ons standpunt vóór de Herkse natuur en het klimaatbeleid, en in één adem ook vóór de betrokkenheid van de Herkse milieuorganisaties en natuurlievende Herkenaren.
_________
Raadslid Karolien Grosemans wenst de onthouding van de N-VA-fractie als volgt te motiveren:
De N-VA-fractie verwijst naar het negatief advies van de Minaraad.
__________
Artikel 1.
Het subsidiereglement voor het aankoop van natuurterreinen door natuurverenigingen, zoals vastgesteld in de gemeenteraad van 23 december 2013, wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2022.
Artikel 2.
Het subsidiereglement voor het behoud van kleine landschapselementen, zoals vastgesteld in de gemeenteraad van 9 maart 1998 en gewijzigd op de gemeenteraad van 23 december 2013, wordt opgeheven met ingang van 1 januari 2022.
Artikel 3.
De budgetten verbonden aan de op te heffen subsidiereglementen worden geheroriënteerd ter financiering van de het project tuinrangers.
Artikel 4.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering overgemaakt wordt aan de dienst leefmilieu.
Gelet op het belastingreglement op het vaststellen van overtredingen inzake privéwaterafvoer aanslagjaren 2021-2025, goedgekeurd door de gemeenteraad op 10 mei 2021;
Gelet onderstaande bemerking van de agentschap binnenlands bestuur - afdeling lokale financiën
'Vrijstellingen te voorzien in het kader van redelijkheidsbeginsel :
U wenst een sanctionerende belasting in te voeren en dit in sommige gevallen eindeloos !
Aldus kan een rechtbank oordelen dat dit een schending is van het redelijkheidsbeginsel en van het eigendomsrecht, zoals vervat in art. 544 Burgerlijk Wetboek en in art.1 van het Eerste Protocol van het Europees Verdrag van de Rechten van de Mens, want een eindeloze heffing komt uiteindelijk neer op een vorm van onteigening.
Bovendien worden alle zogenaamde ‘non-conformiteiten’ belast, ongeacht of er al dan niet sprake is van moedwilligheid en kwade trouw, dan wel van ‘overmacht’.
Er zijn echter tal van gevallen waar de burger niet kan verhelpen aan een bestaande toestand, omdat het technisch niet mogelijk is of omdat het economisch niet haalbaar is.
Ook zijn er gevallen waarin men nooit een ‘conform keuringsattest’ kan bekomen, bijvoorbeeld omdat de keurder het gewoonweg niet kan vaststellen of omdat er leidingen lopen over iemands anders eigendom, enz…
Tot slot is een sanctionerende belasting op zich in principe verboden, mede omdat dit vaak een ondergraving is van de sanctieregeling en de verweermiddelen in de specifieke wetgeving, waarvan men de ‘overtredingen’ gemakshalve via fiscale weg wenst te ‘sanctioneren’.
Gelet dat dit belastingreglement ingevoerd is in vele gemeenten op vraag van de rioolbeheerder Fluvius,
Overwegende dat derhalve in overleg met Fluvius voorgesteld wordt om volgende paragraaf toe te voegen aan artikel 7:
§5 Vrijstelling voor de eigenaar van woningen en/of gebouwen met betrekking tot de optimale afkoppeling: Een onafhankelijke expert in het afkoppelen kan door de eigenaar van de woning of het gebouw aangesteld worden om de afwijking op optimale afkoppeling, technisch beoordelen conform het referentiekader in de code van goede praktijk rioleringssystemen.
Op deze manier hopen ze dat dossiers waar het technisch-economisch niet haalbaar is op een correcte manier verder kunnen behandeld worden. Zoniet, zullen voor deze dossiers een PV opgemaakt moeten worden omdat deze dan niet gedekt worden via een belastingreglement. Het referentiekader geeft namelijk aan wat technisch-economisch niet haalbaar is en zal handhaving dan alleen kunnen via PV;
Overwegende dat onderstaande wijzigingen worden doorgevoerd om te voldoen aan de bemerking van Agentschap Binnenlands bestuur.
- Artikel 7:
De belasting wordt als volgt berekend:
1. Bij een vaststelling dat de eigenaar weigert de keuring privéwaterafvoer uit te voeren en bijgevolg geen conform keuringsattest aanlevert of bij een vaststelling dat eigenaar beschikt over een niet-conform keuringsattest en weigert de privéwaterafvoer aan te passen en bijgevolg het aanleveren van een conform keuringsattest:
- 250 euro voor het eerste aanslagjaar dat de belasting verschuldigd is
- 500 euro vanaf het tweede en de daarop volgende aanslagjaren waarin de belasting verschuldigd is
2. Bij een vaststelling dat eigenaar beschikt over een niet-conform keuringsattest en weigert de privéwaterafvoer
aan te passen en bijgevolg het aanleveren van een conform keuringsattest:
- 500 euro voor het eerste aanslagjaar dat de belasting verschuldigd is
- 750 euro voor het tweede en de daarop volgende aanslagjaren waarin de belasting verschuldigd is
- Artikel 9:
§1 Aanvraag vrijstelling of vermindering
§5 Vrijstelling voor de eigenaar van woningen en/of gebouwen met betrekking tot de optimale afkoppeling: Een onafhankelijke expert in het afkoppelen kan door de eigenaar van de woning of het gebouw aangesteld worden om de afwijking op optimale afkoppeling, technisch beoordelen conform het referentiekader in de code van goede praktijk rioleringssystemen
§6 Er wordt voorzien in een vermindering van 125 € indien de belastingplichtige recht heeft op een verhoogde tegemoetkoming op 1 januari van het belastingjaar op basis van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994.
Gelet dat tekstueel het reglement ook werd aangepast zodat het overeenstemt met de reglementen van andere gemeenten;
Artikel 170 § 4 van de grondwet;
Het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017;
Het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van provincie- en gemeentebelasting;
Europese kaderrichtlijn Water 2000/60/EG;
Het decreet 18 juli 2003 betreffende het integraal waterbeleid; gecoördineerd op 15 juni 2018 ('waterwetboek');
Het besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne;
Het besluit van de Vlaamse regering van 6 februari 1999 houdende vaststelling van het Vlaams reglement betreffende de milieuvergunning;
Het besluit van de Vlaamse Regering van 5 mei 2017 betreffende de subsidiëring van de werken, vermeld in artikel 32 duodecies van de wet van 26 maart 1971 op de bescherming van de oppervlaktewateren tegen de verontreiniging;
Het besluit van de Vlaamse Regering van 1 maart 2006 houdende de vaststelling van de regels voor de scheiding tussen de gemeentelijke en bovengemeentelijke saneringsverplichting en de vaststelling van de zoneringsplannen;
Het besluit van de Vlaamse Regering van 8 april 2011 houdende bepalingen van rechten en plichten van de exploitanten van een openbaar waterdistributienetwerk en hun klanten met betrekking tot de levering van water bestemd voor menselijke consumptie, de uitvoering van de saneringsverplichting en het algemeen
waterverkoopreglement (hierna genoemd 'het algemeen waterverkoopreglement').
Het ministerieel besluit van 28 juni 2011 betreffende de keuring van de binneninstallatie en de privéwaterafvoer (hierna genoegd 'het keuringsbesluit').
Het ministerieel besluit tot de goedkeuring van de aanvullende voorwaarden bij het algemeen waterverkoopreglement van Infrax West, Fluvius Limburg, Fluvius Antwerpen en Riobra van 14 januari 2019;
Het ministerieel besluit van 20 augustus 2012 tot vaststelling van de code van goede praktijk voor het ontwerp en de aanleg van rioleringssystemen;
Het besluit van de Vlaamse Regering van 5 juli 2013 houdende vaststelling van een gewestelijke stedenbouwkundige verordening inzake hemelwaterputten, infiltratievoorzieningen en gescheiden lozing van afvalwater en hemelwater;
De omzendbrief BB 2018/02 van 15 februari 2019 betreffende de gemeentefiscaliteit;
De machtiging van de Vlaamse toezichtscommissie om persoonsgegevens uit te wisselen in kader van de uitvoering van dit reglement;
Artikel 40 §2 van het decreet lokaal bestuur: De gemeenteraad bepaalt het beleid van de gemeente en kan daarvoor algemene regels vaststellen;
Artikel 40 § 3 van het decreet lokaal bestuur: De gemeenteraad stelt de gemeentelijke reglementen vast. Met behoud van de toepassing van de federale wetgeving in verband met de bevoegdheid van de gemeenteraad om politieverordeningen vast te stellen, kunnen de reglementen onder meer betrekking hebben op het gemeentelijke beleid, de gemeentelijke belastingen en de retributies, en op het inwendig bestuur van de gemeente;
De opbrengsten worden geboekt op budgetrekening GBB/0020-00/7330400/STAD/CBS/IP-GEEN;
Artikel 1.
In te stemmen met de voorgestelde wijzigingen aan het onderstaande belastingreglement op het vaststellen van overtredingen inzake privéwaterafvoer aanslagjaren 2021-2025;
Artikel 2.
Begripsomschrijving
Voor de lezing van dit reglement zijn de definities van het algemeen waterverkoopreglement van toepassing.
Verder wordt onder de volgende begrippen begrepen:
Artikel 3.
Na melding en ontvangst van een dossier van de rioolbeheerder betreffende het niet aanleveren van een conform keuringsattest bij een eerste ingebruikname van een huisaansluiting of bij de aanleg van een gescheiden rioleringsstelsel of na melding en ontvangst van de rioolbeheerder betreffende de op illegale wijze aangesloten privéwaterafvoer, verstuurt de gemeente een aangetekende brief, waarin de betrokken eigenaar aangemaand wordt om zich binnen een termijn van 6 maand, te rekenen vanaf de eerste dag van de maand die volgt op de maand waarin de aangetekende zending verstuurd (bewijs met poststempel), in orde te stellen met de toepasselijke wetgeving en opgelegde voorwaarden.
Artikel 4.
De belasting is verschuldigd door de eigenaar van het onroerend goed die door zijn toedoen na het verstrijken van de aanmaningstermijn in de aangetekende brief, bedoeld in artikel 3, niet beschikt over een wettelijk verplicht conform keuringsattest of zich na deze aanmaningstermijn niet in regel stelt bij de rioolbeheerder inzake de op illegale wijze aangesloten aansluiting op het openbaar saneringsnetwerk. Deze termijn kan met 1 jaar verlengd worden in het geval de eigenaar grondige verbouwingsplannen heeft met aanpassing van de privéwaterafvoer op voorwaarde dat de stedenbouwkundige vergunning werd verleend uiterlijk 6 maanden na de datum van het proces verbaal van de voorlopige oplevering van de wegenis- en rioleringswerken op het openbaar domein.
Het wettelijk verplicht conform keuringsattest is verplicht indien de eerste ingebruikname van de rioleringsaansluiting is aangevraagd na de invoering van het algemeen waterverkoopreglement. Het wettelijk verplicht conform keuringsattest is verplicht bij niet in regel stelt bij de rioolbeheerder inzake de op illegale wijze aangesloten aansluiting op het openbaar saneringsnetwerk.
Artikel 5.
§1 De belasting slaat op de eigendom en is verschuldigd door wie op 1 januari van het belastingjaar eigenaar,
erfpachter of opstalhouder is van het belastbaar goed.
§2 Ingeval er een recht van opstal of erfpacht bestaat, is respectievelijk de opstalgever of de erfpachtgever
hoofdelijk aansprakelijk met de opstalhouder of erfpachthouder voor de betaling van de belasting.
§3 Indien het belastbaar goed in onverdeeldheid toebehoort aan verschillende personen ontvangt elke eigenaar initieel een aanslagbiljet a rato van het respectievelijke eigendomsaandeel. Alle leden van de onverdeeldheid zijn hoofdelijk aansprakelijk voor de betaling van de volledige belasting.
Artikel 6.
De belasting is verschuldigd na het verlopen van de termijn van 6 maanden waarvan sprake is in artikel 3. Indien de betrokken eigenaar nalaat een conform keuringsattest aan te leveren of weigert zich in orde te stellen met de opgelegde voorwaarden in het aangetekend schrijven, wordt de belasting geheven. Dit gebeurt na de vaststelling door een personeelslid, daartoe speciaal aangesteld door het college van burgemeester en schepenen, dat niet aan de voorgeschreven voorwaarden is voldaan zoals bedoeld in art. 3. Deze vaststelling vindt ten vroegste plaats in de maand na het verstrijken van de aanmaningstermijn.
Artikel 7.
tarief
De belasting wordt als volgt berekend:
Bij een vaststelling dat eigenaar weigert de keuring privéwaterafvoer uit te voeren en bijgevolg geen conform keuringsattest aanlevert of bij een vaststelling dat eigenaar beschikt over een niet-conform keuringsattest en weigert de privéwaterafvoer aan te passen en bijgevolg het aanleveren van een conform keuringsattest:
- 250 euro voor het eerste aanslagjaar dat de belasting verschuldigd is
- 500 euro vanaf het tweede en de daarop volgende aanslagjaren waarin de belasting verschuldigd is
Artikel 8.
De belasting is jaarlijks verschuldigd tot en met het jaar waarin aan de in de aangetekende brief opgelegde verplichting is voldaan. De vaststelling dat hieraan is voldaan gebeurt door een personeelslid daartoe speciaal aangesteld door het college van burgemeester en schepenen. Daartoe moet de belastingplichtige dit bij de rioolbeheerder melden per aangetekende brief, waarbij het conform keuringsattest van de keurder privéwaterafvoer is gevoegd. De rioolbeheerder meldt per brief aan het college van burgemeester en schepenen dat het conform keuringsattest is overgemaakt. In het geval op illegale wijze aangesloten was op het openbaar saneringsnetwerk zal de melding gebeuren door de rioolbeheerder aan het college van burgemeester en schepenen, dat de betrokken eigenaar binnen de vastgelegde termijn aan de voorwaarden heeft voldaan door het aanvragen van de rioleringsaansluiting en het aanleveren van een conform keuringsattest.
Artikel 9.
§1 Aanvraag vrijstelling of vermindering:
De aanvraag voor vrijstelling van de belasting moeten worden ingediend, op straffe van verval, binnen 30 dagen vanaf de verzending van het aanslagbiljet, via beveiligde zending.
De houder van het zakelijk recht die gebruik wenst te maken van een vrijstelling zoals hierna in dit reglement beschreven, moet hiervoor zelf de nodige bewijsstukken voorleggen aan de administratie.
§2 Vrijstelling voor een nieuwe eigenaar, zoals bedoeld in artikel 5 §1:
De nieuwe eigenaar, die op 1 januari minder dan één jaar eigenaar is, wordt vrijgesteld van de belasting. Deze vrijstelling geldt voor één belastingjaar volgend op de datum van de notariële akte.
§3 Vrijstelling voor woningen en/of gebouwen volledig gelegen binnen een onteigeningsplan:
De eigenaar, zoals bedoeld in artikel 5 §1 van woningen en/of gebouwen die op 1 januari van het belastingjaar binnen de grenzen van een door de bevoegde overheid goedgekeurd onteigeningsplan liggen of waarvoor geen stedenbouwkundige vergunning meer wordt afgeleverd omdat een onteigening wordt voorbereid.
§4 Vrijstelling voor de eigenaar van woningen en/of gebouwen die bij de keuring privéwaterafvoer uitsluitend zijn afgekeurd door het niet aanwezig zijn van een alle afvalwater septische put in het collectief te optimaliseren buitengebied volgens het gemeentelijk zoneringsplan.
§5 Vrijstelling voor de eigenaar van woningen en/of gebouwen met betrekking tot de optimale afkoppeling: Een onafhankelijke expert in het afkoppelen kan door de eigenaar van de woning of het gebouw aangesteld worden om de afwijking op optimale afkoppeling, technisch beoordelen conform het referentiekader in de code van goede praktijk rioleringssystemen. §6 Er wordt voorzien in een vermindering van 125 € indien de belastingplichtige recht heeft op een verhoogde tegemoetkoming op 1 januari van het belastingjaar op basis van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994.
Artikel 10.
De belasting wordt ingevorderd bij wege van een kohier dat wordt vastgesteld en uitvoerbaar verklaard wordt door het college van burgemeester en schepenen. De kohierbelasting moet worden betaald binnen een periode van 2 maanden na de verzending van het aanslagbiljet. Het uitvoerbaar verklaard kohier wordt tegen ontvangstbewijs gezonden aan de met invordering belaste financieel beheerder die onverwijld instaat voor de verzending van de aanslagbiljetten zonder kosten voor de belastingschuldige
Artikel 11.
De in de artikelen 6 en 8 vermelde personeelsleden zijn de aangestelde personeelsleden door het college van burgemeester en schepenen, zoals bepaald in artikel 5 van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 12.
De vestiging, de invordering en de geschillenprocedure gebeuren volgens de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 betreffende de vestiging, de invordering en de geschillenprocedure van de provincie- en gemeentebelastingen.
Artikel 13.
Zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van het decreet van 30 mei 2008 zoals gewijzigd, zijn de bepalingen van titel VII, hoofdstuk 1, 3, 4, 6 tot en met 9bis van het Wetboek van de inkomstenbelastingen en artikel 126 tot en met 175 van het uitvoeringsbesluit van dat wetboek van toepassing op de gemeentebelastingen, voor zover ze niet specifiek de belastingen op de inkomsten betreffen
Artikel 14.
De rioolbeheerder wordt op de hoogte gehouden van de beslissing tot heffing van de belasting, de eventuele bezwaarschriften, beroepsprocedures en ontheffingen van een individueel dossier.
Artikel 15.
De wijzigingen treden in werking 5 dagen na publicatiedatum.
Artikel 16.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer Provinciegouverneur, terwijl een afschrift van dit besluit ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan:
- de financiële dienst
- VMM
- Fluvius Limburg
- Minaraad
Gelet op de omgevingsaanvraag met bijhorend wegenisplan, ingediend door Promabo Nv, Antwerpseweg 18 te 2340 Beersenweg 17 te 3540 Herk-de-Stad, op de percelen Herk-de-Stad, 1ste afdeling, Sectie A nr(s) 191G, 187C, 186A, 525N8, 183B, 153K, 189C, 174V2, 182, 185C, 186D, 178F, 169A, 183A, 188B, 191E en 179, ter plaatse 'Grote Baan – Diestsesteenweg' te Herk-de-Stad
Overwegende dat het ingediend project omvat het verkavelen van gronden voor groepswoningbouw, de aanleg ven wegenis- en sportinfrastructuur en het ontbossen van de site Tamerpark, ter plaatse 'Grote Baan – Diestsesteenweg'
Overwegende dat op 13 mei 2019 de voorlopige vaststelling van het rooilijnplan - buurtwegen 32 en 34 ter plaatse Daelersveld, nieuw te ontwikkelen woonwijk Tamerpark werd goedgekeurd werd door de gemeenteraad. Deze zaak der wegen werd voorafgaand aan het project ingediend aangezien de procedure toen nog niet mee kon opgenomen worden binnen de omgevingsvergunning. Er is echter nooit een definitieve vaststelling geweest aangezien het dossier niet verder werd afgewerkt en ook niet werd ingediend:
artikel 2 van deze beslissing:
- de vrijgekomen delen van buurtweg nr. 32 gelegen op de percelen 150A, 151, 152A en 152B zonder meerwaarde af te staan aan de private eigenaars.
- de vrijgekomen delen van buurtwegen 32 en 34 gelegen op de percelen 191G, 188B, 153K, 191E, 189C, 187C, 186D, 183B en 183A zonder meerwaarde af te staan aan de ontwikkelaar van het woonproject Tamerpark, Timeless Building, Henri Knutsplein8, 3540 Herk-de-Stad, voor de aanleg van het later over te dragen openbaar domein.
Overwegende dat de aanvraag tot het bekomen van een omgevingsvergunning voor het realiseren van het groepswoningbouwproject bijkomend, via een namens de aanvrager ondertekende verklaring op erewoord, waarborgt dat alle woningen m.i.v. private tuinen en de met het project gepaard gaande wegenis- en omgevingsaanleg, deel uitmakend van het beoogde groepswoningbouwproject, fasegewijs, tegelijkertijd, m.a.w. in één enkele werf, door de aanvrager, zullen worden gerealiseerd, dat de aanvrager daartoe voor alle woningen m.i.v. private tuinen en de met het groepswoningbouwproject Tamerpark gepaard gaande wegenis- en omgevingsaanleg als (unieke) bouwheer zal optreden;
Overwegende dat de ontwikkeling in 4 fasen zal uitgevoerd worden, dat deze 4 fases naadloos op elkaar aansluiten, dat alles gebouwen per afzonderlijke fase gelijktijdig in 1 werf zullen opgericht worden;
* dat fase 1 voorziet in 34 woningen verdeeld over 13 grondgebonden woningen en 2 meergezinswoningen waarin 21 entiteiten voorzien worden;
* dat fase 2 voorziet in 31 woningen verdeeld over 22 eengezinswoningen en 1 meergezinswoning waarin 9 woonentiteiten voorzien worden
* dat fase 3 voorziet in 22 eengezinswoningen
* dat fase 4 voorziet in 48 woningen verdeeld over 8 eengezinswoningen en 3 meergezinswoningen waarin 40 entiteiten worden opgericht.
Overwegende dat de eveneens te faseren wegenis met riolerings-, wegenis- en omgevingsaanlegwerken op deze fasering is afgestemd, dat voor de wegenis
* fase 1 voorziet in de aanleg van de hoofdwegen alsook de zijstraten vervat in de fases 1, 2 en 3, dat deze fases samengenomen worden omdat het RWA stelsel een samenwerkend geheel betreft en omwille van de buffer- en infiltratievoorwaarden en de hydraulische werking van het systeem niet kan worden opgedeeld. De aanleg van het rioleringsstelsel vereist het in bepaalde mate verlagen van de grondwaterstand. De flankerende maatregelen om de te behouden bomen te beschermen worden idealiter slechts eenmalig uitgevoerd.
* De riolerings- en wegenisaanleg behorende bij fase 4 ook in deze fase wordt aangelegd samen met de te realiseren gebouwen.
Overwegende dat per ontwikkelingsfase een realisatietermijn van 2.5 jaar wordt vooropgesteld, dat de bouwheer op een continue wijze de werken moet uitvoeren zodat de fases naadloos op elkaar aansluiten zodat het hele project inclusief de wegenis binnen een termijn van 10 jaar gerealiseerd zal zijn;
Overwegende de inhoud van het plan dd 22 juni 2021 met ref. 2019M014 met aanduiding van de zonering tot overdracht naar het openbaar domein:
Overwegende dat het openbaar onderzoek werd gehouden van 29/07/2021 tot en met 27/08/2021. Naar aanleiding van het openbaar onderzoek werden er 4 bezwaarschriften ontvangen en ikv de omgevingsvergunningsprocedure werden behandeld;
Gelet op de wettelijk gevraagde externe adviezen in het kader van de omgevingsvergunning van de :
Gelet op de plenaire vergadering inzake de aanvraag
Gelet op het Ruimtelijk Structuurplan Provincie Limburg definitief vastgesteld bij besluit van de provincieraad van Limburg van 18 september 2002, en goedgekeurd bij besluit van 12 februari 2003 van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Innovatie, Media en Ruimtelijke Ordening;
Gelet op het Ruimtelijk Structuurplan, Vlaanderen;
Gelet op de omzendbrief RO/2002/03 in verband met het opmaken van een gemeentelijke woonbehoeftestudie en het ontwikkelen van woonuitbreidingsgebieden met of zonder woonbehoeftestudies;
Gelet op het een voorwaardelijk positief advies van het college van burgemeester en schepenen geformuleerd dd. 06 september 2021 ikv de omgevingsvergunnigsprocedure.
Voorwaarden:
- Binnen de totale boombeschermingszone (TTBZ) is het niet toegelaten om:
bestaande water- en zuurstofhuishouding te verstoren door: drainagesystemen of afwateringssystemen te onderbreken;
- bovengrondse plantendelen te beschadigen door:
Overwegende dat het de bedoeling is dat de wegenis gratis zal worden overgedragen aan de gemeente voor toevoeging aan het openbaar domein, reden waarom er geen vergoeding gevraagd wordt voor de afschaffing van de buurtwegen;
Gelet op bijgevoegde groenplan, wegenisplan, rioleringsplan, inrichtingsplan openbaar domein, plan met lengteprofielen en type dwarsprofielen;
Gelet op het advies van de Raad;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen;
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht;
Gelet op het Ministerieel Besluit van 6 februari 1971 tot vaststelling van de voorwaarden waaraan een dossier betreffende een verkavelingsaanvraag moet voldoen om als volledig te worden beschouwd;
Gelet op het decreet houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening van 18 mei 1999 en latere wijzigingen en in het bijzonder art. 133;
Overwegende dat de aanvraag valt onder de bouwaanvragen, die moeten openbaar gemaakt worden volgens artikel 10 van het Besluit van de Vlaamse regering van 5 mei 2000, betreffende de openbare onderzoeken over aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning en verkavelingsaanvragen, gewijzigd bij Besluiten van de Vlaamse Regering van 30 maart 2001 en 8 maart 2002;
Artikel 1.
Het tracé van de nieuw aan te leggen wegenis in het bovengenoemde verkavelingsontwerp wordt goedgekeurd.
De grondschotel ingenomen door de wegen, de langsgelegen nutsvoorzieningen, de groenaanleg, de bufferstroken en de zones voor waterbeheersing, wordt na voltooiing en definitieve aanvaarding van de werken gratis overgedragen aan de stad Herk-de-Stad voor inlijving bij het openbaar domein van de stad volgens de inhoud van het plan dd 22 juni 2021 met ref. 2019M014.
Artikel 2.
Voor zover en in de mate waarin het bij dit besluit goedgekeurde wegtracé onverenigbaar is met een eerder goedgekeurde wegtracé, wordt dit eerder goedgekeurde wegtracé in die mate en voor dat deel opgeheven door dit besluit.
Artikel 3.
Het schepencollege wordt belast met de verdere afhandeling van dit dossier.
Artikel 4.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van dit besluit ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan:
- Technische Dienst
- Dienst Omgeving
Reeds meerdere jaren wordt er gewerkt via een lokale diensteneconomie met De Winning – vzw Werkkans. Deze samenwerking, die tussen de Winning – vzw Werkkans en de gemeenten van het kanton Herk-de-Stad wordt afgesloten, poogt een win-winverhaal te zijn.
De dienstverlening verloopt in opdracht van het lokale bestuur. Het gaat daarbij om diensten die werkgelegenheid creëren door aan lokale collectieve behoeften te beantwoorden en die op een participatieve wijze een maatschappelijke meerwaarde creëren door het duurzaam ondernemen na te streven en die worden verricht ter uitvoering van het algemeen economisch belang. Deze diensten zijn omwille van hun specificiteit, kostprijs en toegankelijkheid complementair ten aanzien van het bestaande reguliere dienstenaanbod.
De samenwerking in Herk-de-Stad is uitstekend te noemen en houdt het volgende in:
Gelet op de beslissing van het schepencollege dd. 28 januari 2009 tot principiële toetreding tot het project Lokale Diensteneconomie via De Winning – vzw Werkkans;
Gelet op de meerwaarde van de tewerkstellingsvorm Lokale Diensteneconomie, waarbij via subsidies mensen uit kansengroepen kunnen tewerkgesteld worden;
Overwegende dat hiervoor een overeenkomst dient afgesloten te worden;
Overwegende de taken die aan deze ploeg kunnen worden toebedeeld, namelijk onderhoud van parken, herstel en onderhoud van straatmeubilair, logistieke ondersteuning van evenementen, kleine klussen rond gemeentelijk patrimonium, opruimen van zwerfvuil, pesticidenvrij groenonderhoud, enz. … binnen de gemeente Herk-de-Stad;
Overwegende dat deze opdracht kadert in de herverdeling van het gemeentelijk groenbeheer, zoals voorgesteld in de nota van de dienst milieu dd. 24 februari 2010;
Gezien blijkt uit de samenwerking van de vorige jaren dat de werking van LDE tot ieders tevredenheid werd voltooid;
Overwegende dat het wenselijk is om deze overeenkomst te verlengen voor het dienstjaar 2022;
Overwegende dat het hier gaat over een opdracht voor een collectieve dienstverlening, uitgevoerd door mensen uit kansengroepen en dat het hier handelt over een subsidiebesluit;
Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen;
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht;
Gelet op het voorziene krediet onder nr. 0200-03/6103510 van het budget voor het jaar 2022;
Gelet op feit dat het goedgekeurde budget van 2021 (€ 57.120,-) verhoogd werd met 2% voor 2022 om het stijgende uurtarief te compenseren tot € 58.262,40;
Gunstig visum.
Gunstig visum VSM_20211013_032 van Ive Vanderlee van 13 oktober 2021
Artikel 1.
De toetreding tot het project Lokale Diensteneconomie van 'De Winning LDE vzw' voor het dienstjaar 2022 te verlengen door ondertekening van de overeenkomst zoals toegevoegd in de bijlage en die deel uitmaakt van deze beslissing, met de bedoeling om werken te laten uitvoeren aan het openbaar groen in de gemeente Herk-de-Stad.
Artikel 2.
In overleg met de Dienst Leefmilieu en de Technische Dienst navolgende taken te laten uitvoeren via deze overeenkomst: onderhoud parken en sociale wijken, bijstand bij het pesticidenvrij onderhoud van de plantsoenen, herstel en onderhoud van straatmeubilair, kleine klussen rond het gemeentelijke patrimonium, opruimen zwerfvuil, e.a.
Artikel 3.
De nodige kredieten, zijnde € 58.262,40,- werden voorzien in het budget voor 2022 onder nr. 0200-03/6103510.
Artikel 4.
De burgemeester en de algemeen directeur worden gemachtigd de overeenkomst te tekenen namens de gemeenteraad.
Artikel 5.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van dit besluit ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan:
- de dienst financiën
- de technische dienst
- De Winning LDE vzw
Reeds meerdere jaren wordt er gewerkt via een intergemeentelijk samenwerkingsverband met De Winning – Maatwerk vzw. Deze samenwerking, die tussen De Winning en 9 gemeenten (waaronder Herk-de-Stad) wordt afgesloten, poogt een win-winverhaal te zijn.
De samenwerking is afgesloten in het kader van de Intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploegen die een naargelang de financiële inbreng evenredig aantal manuren arbeid zullen presteren in de deelnemende gemeenten.
Eventuele aanwervingen gebeuren steeds in het kader van het decreet op sociale werkplaatsen van de Vlaamse overheid. Hierdoor kan er duurzame tewerkstelling en opleiding aangeboden worden voor kansengroepen door het uitvoeren van activiteiten in natuur-, bos- en landschapsbeheer.
De samenwerking in Herk-de-Stad is uitstekend te noemen en houdt volgende projecten in:
Gelet op de jarenlange vruchtbare samenwerking met de intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploeg West-Limburg;
Gezien dit samenwerkingscharter wordt onderschreven door een aantal andere Limburgse gemeenten met de bedoeling via een tewerkstellingsproject landschaps-, natuur- en bosbeheerswerken uit te voeren binnen de aangesloten gemeenten;
Gelet op het aantal taken dat de vorige jaren reeds werd waargenomen door deze ploeg, dat in het kader van het alternatief maaibeheer het manueel maaien van wegbermen rond de hindernissen eveneens onder dit beheer resulteert, alsook werken in het kader van het goedgekeurde landschapsplan ‘Oude Boomkwekerij De Pierpont’ dienen uitgevoerd te worden;
Gezien voor het jaar 2021 een nieuwe overeenkomst dient afgesloten te worden voor een bedrag van € 31.212,- incl. B.T.W., bestaande uit de in 2021 voorziene € 30.600,- geïndexeerd met 2%;
Overwegende dat deze overeenkomst en het takenpakket passend is in de nieuwe indeling van het groenbeheer, zoals voorgesteld in de nota van de dienst Leefmilieu dd. 24 februari 2010;
Gezien blijkt uit de samenwerking van de vorige jaren dat de werking van INL tot ieders tevredenheid werd voltooid;
Gelet op de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motiveringsplicht van bestuurshandelingen, en latere wijzigingen;
Gelet op het Bestuursdecreet van 7 december 2018;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, meer bepaald artikels 326 tot en met 341 betreffende het bestuurlijk toezicht;
Gelet op het voorziene begrotingskrediet onder nr. 0200-03/6103510;
Gunstig visum
Gunstig visum VSM_20211013_033 van Ive Vanderlee van 13 oktober 2021
Artikel 1.
Het samenwerkingscharter met de Intergemeentelijke Natuur- en Landschapsploeg goed te keuren voor het werkingsjaar 2022 ten bedrage van € 31.212,- incl. B.T.W.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van dit besluit ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan:
-De Winning – Maatwerk vzw, St Ferdinandstraat 1 te 3560 Lummen
-de Dienst Financiën
-de Dienst Leefmilieu
-de Technische Dienst
Er wordt gevraagd een voorkeur van werkingsgebied te formuleren voor de vorming van een woonmaatschappij.
Op het LWO van 16/09/2021 werden de voorstellen van de gemeenten Herk-de-Stad, Halen en Lummen en die van de sociale actoren (SVK's en SHM'en) actief in de 3 gemeenten voorgesteld. Het verslag van het LWO wordt samen met de adviezen van alle partijen voorgelegd aan de gemeenteraad. Op basis van dit verslag en de adviezen kan de gemeenteraad een voorstel voor werkingsgebied opmaken. Dit voorstel moet doorgestuurd worden naar de VMSW voor 31 oktober 2021.
Inmiddels is er een politieke consensus omtrent de objectieve criteria voor het vastleggen van de onderlinge stemverhouding tussen de lokale besturen in de toekomstige woonmaatschappij: grondreserves (weging 10%), aantal huishoudens (weging 30%) en aantal sociale huurwoningen (weging 60%).
Het aanvraagformulier (website Wonen-Vlaanderen) werd gestandaardiseerd voor alle Limburgse gemeenten zodat de lokale besturen op uniforme wijze hun advies kunnen uitbrengen aan de Vlaamse Regering (ten laatste op 31 oktober 2021).
Er wordt een aanpassing gevraagd aan de gemeenteraad naar aanleiding van de consensus over de verdeling van stemrechten tussen de gemeenten die deel uitmaken van het werkingsgebied (vraag 10 in het aanvraagformulier).
Gelet op de politieke consensus omtrent de objectieve criteria voor het vastleggen van de onderlinge stemverhouding tussen de lokale besturen in de toekomstige woonmaatschappij: grondreserves (weging 10%), aantal huishoudens (weging 30%) en aantal sociale huurwoningen (weging 60%);
Gelet op het gestandaardiseerde aanvraagformulier waardoor de lokale besturen op uniforme wijze hun advies kunnen uitbrengen aan de Vlaamse Regering (ten laatste op 31 oktober 2021);
Gelet op het verslag van het LWO van 16/09/2021 waar een ander voorstel werd geformuleerd op de vraag over de verdeling van de stemrechten;
Gelet op het reeds geagendeerde aanvraagformulier voor de gemeenteraad van 11 oktober 2021;
Gelet op de noodzakelijke bekrachtiging van de gemeenteraad dient het nieuwe gestandaardiseerde aanvraagformulier goedgekeurd te worden door de gemeenteraad;
De gemeenteraad wenst het gestandaardiseerde aanvraagformulier in te dienen bij VMSW.
Gelet op artikel 40 e.v. van het decreet lokaal bestuur;
Gelet op het decreet houdende wijzigingen van diverse decreten met betrekking tot wonen, waarbij een regelgevend kader met betrekking tot de woonmaatschappijen wordt gecreëerd;
Gelet op de brief van de Vlaamse minister van Financiën en Begroting, Wonen en Onroerend Erfgoed van 23 oktober 2020 aan alle burgemeesters om een voorstel van werkingsgebied in te dienen;
Gelet op het verslag van het lokaal woonoverleg van 16/09/2021.
Artikel 1.
De gemeenteraad wenst het gestandaardiseerde aanvraagformulier, zoals toegevoegd in de bijlage, in te dienen bij VMSW en herroept hierbij op dit punt haar beslissing van 11 oktober jl.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van dit besluit ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan WWL.
Gelet op de voorgestelde data van de overige gemeenteraden in 2022:
- maandag 10 januari 2022
- maandag 14 februari 2022
- maandag 14 maart 2022
- maandag 25 april 2022 (paasvakantie 4 tem 18 april 2022, paasmaandag op 18 april)
- maandag 9 mei 2022
- maandag 20 juni 2022
- maandag 12 september 2022
- maandag 10 oktober 2022
- maandag 14 november 2022
- maandag 12 december 2022.
Overwegende dat voor de vaststelling van de zittingen van de gemeenteraad in 2022 wordt afgeweken van Art. 1. § 1. van het huishoudelijk reglement voor de maanden april en juni;
Overwegende dat deze afwijkingen worden doorgevoerd rekening houdende:
- voor de maand april met het paasvakantie die loopt van 4 april tot en met 18 april 2022,
- voor de maand juni met de overbrugging van de maanden juli en augustus tot september;
Gelet op de vraag en het akkoord van de raad om de voorgestelde data, omwille van de periodes tussen de zittingen, als volgt te wijzigen :
- maandag 9 mei 2022 te wijzigen naar 16 mei 2022,
- maandag 20 juni 2022 te wijzigen naar 27 juni 2022;
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017; artikel 38;
Gelet op het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad goedgekeurd bij raadsbesluit van 11 februari 2019 ;
Gelet op Art. 1. § 1. Van het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad:
De gemeenteraad vergadert zo dikwijls als de zaken die tot zijn bevoegdheid behoren het vereisen en ten minste tienmaal per jaar. De vergaderingen vinden de tweede maandag van de maand plaats, behalve de maanden juli en augustus.
Valt de tweede maandag van de maand samen met een wettige feestdag, vergadert de gemeenteraad de volgende maandag.
De gemeenteraad beslist;
Artikel 1.
Akkoord te gaan met de afwijking van Art. 1. § 1. van het huishoudelijk reglement voor de vaststelling van de zitting van de gemeenteraad en dit voor de maanden april, mei en juni en de data van de zittingen gemeenteraad in 2022 als volgt vast te stellen :
- maandag 10 januari 2022
- maandag 14 februari 2022
- maandag 14 maart 2022
- maandag 25 april 2022 (paasvakantie 4 tem 18 april 2022, paasmaandag op 18 april)
- maandag 16 mei 2022
- maandag 27 juni 2022
- maandag 12 september 2022
- maandag 10 oktober 2022
- maandag 14 november 2022
- maandag 12 december 2022.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van dit besluit ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan het secretariaat.
Overwegende dat de installatie van de nieuwe gemeenteraad op 2 januari 2019 aanleiding gaf tot aanduiding van afgevaardigden vanuit de politieke fracties in de verschillende raden van beheer of bestuur van navolgende organisaties:
- Commissie Beeldende Kunsten 6 politieke vertegenwoordigers
- Verkeerscommissie 6 politieke vertegenwoordigers
Overwegende dat de gemeenteraad op 24 juni 2019 kennis genomen heeft van de hersamenstelling van deze commissies in navolging van de gemeenteraadsverkiezingen;
Overwegende dat de gemeenteraad in haar zitting van 22 juni 2020 kennis genomen heeft van het ontslag van raadslid Wim Berden;
Overwegende dat de gemeenteraad in haar zitting van 11 januari 2021 kennis genomen heeft van het ontslag van raadslid Martine Van Cauteren;
Overwegende dat hierdoor een nieuwe afgevaardigde namens NIEUW aangeduid wordt in de Verkeerscommissie;
Overwegende dat hierdoor een nieuwe afgevaardigde namens Open VLD aangeduid wordt in de Commissie Beeldende Kunsten;
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017;
Artikel 1.
Navolgende heer aan te duiden als afgevaardigde in de Commissie beeldende kunsten ter vervanging van Martine Van Cauteren namens Open VLD:
- de heer Karel Lavigne
Artikel 2.
Navolgende heer aan te duiden als afgevaardigde in de Verkeerscommissie ter vervanging van Wim Berden namens NIEUW:
- de heer Lambrichts Marcel
Artikel 3.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 en artikel 330 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 en latere wijzigingen, mee te delen aan de Heer provinciegouverneur, terwijl een afschrift van dit besluit ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan:
- Bart Bastijns – de Commissie bescherming persoonlijke levenssfeer; verkeerscommissie & Gecoro,
- Axel Van Aeken – de Commissie beeldende kunsten;
Gelet op het feit dat de gemeente/stad aangesloten is bij Fluvius Opdrachthoudende Vereniging;
Gelet op het feit dat de gemeente/stad per aangetekend schrijven van 27 september 2021 werd opgeroepen om op digitale wijze deel te nemen aan de Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging op 6 december 2021;
Gelet op het feit dat een dossier met documentatiestukken aan de gemeente/stad per brief van 27 september 2021 overgemaakt werd;
Gelet op het artikel 432, alinea 3 van het decreet over het lokaal bestuur; waarbij bepaald wordt dat de vaststelling van het mandaat van de vertegenwoordiger dient te worden herhaald voor elke algemene vergadering;
Artikel 1.
Zijn goedkeuring te hechten aan de agenda van de Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging d.d. 6 december 2021 met als agendapunten:
Artikel 2.
De vertegenwoordiger van de gemeente/stad die zal deelnemen aan de digitale Buitengewone Algemene Vergadering van Fluvius Opdrachthoudende Vereniging op 6 december 2021 (of iedere andere datum waarop deze uitgesteld of verdaagd zou worden), op te dragen zijn/haar stemgedrag af te stemmen op de beslissingen genomen in de gemeenteraad van heden inzake voormeld artikel 1 van onderhavige beslissing.
Artikel 3.
Het college van burgemeester en schepenen te gelasten met de uitvoering van voormelde beslissingen en onder meer kennisgeving hiervan te verrichten aan Fluvius Opdrachthoudende Vereniging, ter attentie van het secretariaat (in pdf-versie), uitsluitend op het e‑mailadres vennootschapssecretariaat@fluvius.be.
Kennisname van:
- Fluvius o.v. Notulen RvB op 26/08/2021
- Fluvius o.v. Notulen RvB op 22/09/2021
- Fluvius Limburg. Notulen RvB op 30/06/2021
- Fluvius Limburg. Notulen Regionaal Bestuurscomité Oost 30/06/2021
- Fluvius Limburg. Notulen Regionaal Bestuurscomité Noord 30/06/2021
- Fluvius Limburg. Notulen Regionaal Bestuurscomité Zuid-West 30/06/2021
Kennis te nemen van:
- Fluvius Limburg: terugblik op het 1ste semester 2021
De gemeenteraad van 21 juni keurde het voorstel van de Bosgroep goed om een gezamenlijk natuurbeheerplan op te stellen voor de gemeente. Naast schaalvoordelen hoopt het bestuur met dit beheerplan aanspraak te maken op een subsidie van minstens 40.000 euro. De opmaak van het plan Iaat het bestuur over aan een studiebureau. Ook het nieuwe bos van Schulen maakt deel uit van dit plan. Het gemeentebestuur voorziet voor de opmaak 60.000 euro. Ik heb hierover de volgende vragen:
Gelet op het antwoord gegeven door schepen Ector op deze vragen:
In de notulen van het college van 28 juni lezen we met betrekking tot het bos van Schulen dat de gemeente van plan is om een gedeelte van het bos te kappen en om het hout onderhands te verkopen. In totaal zouden 55 eiken, 3 berken en 75 populieren gekapt worden.
Kennis te nemen van de vragen van de N-VA-fractie en het antwoord hierop geformuleerd door schepen Guido Ector.
0p de zitting van het college van burgemeester en schepenen van 30 augustus 2021 keurde het gemeentebestuur een bestuurskrachtmeting van de gemeenten Herk-de-Stad, Halen en Lummen goed. De gesprekken tussen deze drie gemeenten kwamen al aan bod op de gemeenteraad van mei. Opvallend is wel dat het bestuur nu ook erkent dat het in gesprek wil gaan met de gemeenten Geetbets en Kortenaken. Ook voor deze gemeenten wil het gemeentebestuur een bestuurskrachtmeting bestellen.
Met zo'n bestuurskrachtmeting willen gemeenten zicht krijgen op de sterktes en zwaktes van de gemeentelijke organisaties en hun uitdagingen. Het document vormt zo de basis voor een mogelijke intensievere samenwerking of fusie. Lokale besturen staan de komende jaren voor heel wat uitdagingen en een schaalvergroting of verregaande samenwerking tussen gemeenten zou deze uitdagingen kunnen opvangen.
Ook de Vlaamse Regering wil de slagkracht van lokale besturen versterken en heeft een aantal stimulansen uitgewerkt om dit proces te versnellen en te ondersteunen. Onze fractie wil vooral dat Herk-de-Stad een sterke en bestuurskrachtige dienstverlening blijft bieden aan de Herkenaar. We zijn bijgevolg benieuwd naar de resultaten van deze bestuurskrachtmetingen.
Ik heb hierover de volgende vragen voor het gemeentebestuur:
Gelet op het antwoord gegeven door burgemeester Bert Moyaers op deze vragen:
Dat we zouden overgaan tot een bestuurskrachtmeting werd al eerder besproken op de raad en op het CBS werd hiervoor de beslissing genomen. Dit vooral om te zien hoe we beter kunnen samenwerken. We hebben een meeting gehad met Halen en Lummen. Na de meeting werd een persbericht uitgestuurd. Later hebben we opnieuw een meeting gehad om een verkennend gesprek te hebben met het bureau IDEA Consult. Na deze meeting hebben we een schrijven ontvangen van Geetbets ook gericht aan haar buurgemeenten, Nieuwerkerken, Kortenaken en Halen met de vraag om mee te doen. Geetbets en Kortenaken zouden geïnteresseerd zijn om samen te werken met CC Consult omdat zij lid zijn van Poolstok. Nieuwerkerken zou destijds door Geetbets en ook door ons bevraagd zijn maar zij zouden geen interesse hebben. Wij hebben besproken dit generiek aan te pakken zodat we per stad of gemeente kunnen nagaan wat de zwaktes en wat de sterktes zijn. Verder is er nog niets gebeurd hierin. De bestuurskrachtmetingen zijn nog niet opgestart. Halen heeft ook het schrijven gekregen van Geetbets en ook wij willen eens kijken naar een breder spectrum. Lummen hebben we op de hoogte gebracht en heeft erop gereageerd dat als we willen samenwerken met CC Consult we beter de leading hand nemen. Verder is er tot op heden niets gebeurd. We kunnen moeilijk een antwoord geven op al de vragen aangezien we gaan voor een betere samenwerking maar niet voor fusionering. We willen nagaan waar we goed scoren en waar we beter kunnen. De reden waarom er voor een gezamenlijk bureau zou worden gegaan is om een betere vergelijking te kunnen maken tussen de steden en gemeenten. Halen, Lummen en Herk-de-Stad hebben gezamenlijk gecommuniceerd dat tussen versterkte samenwerking en fusie nog 50 tinten grijs zitten. We hebben het standpunt ingenomen dat we niet voor een fusie gaan. Zoals eerder aangehaald is de bestuurskrachtmeting nog niet van start gegaan, alleen een verkennend gesprek met 1 bureau. Waarschijnlijk zal de bestuurskrachtmeting besproken worden binnen de gemeenteraad maar het is nog te vroeg om hierover meer te zeggen vermits er nog geen bestelling voor bestuurskrachtmeting is gebeurd.
Kennis te nemen van de vragen van de N-VA-fractie en het antwoord hierop geformuleerd door burgemeester Bert Moyaers.
De overstromingen van afgelopen zomer hebben voor heel wat problemen gezorgd in onze gemeente. Heel wat inwoners leden schade en zijn bezorgd over wat gelijkaardige situaties in de toekomst zullen voortbrengen. In dat kader breng ik hier het probleem van enkele inwoners van de Beerbosstraat in Schulen.
De toegangsweg naar bepaalde woningen via de Beerbosstraat is bijzonder smal. De andere manier om te ontsluiten is via de Slapersstraat, maar die straat wordt bij hevige regenval gecontroleerd onder water gezet. Het gevolg is dat de bewoners enkel via de smalle toegangsweg kunnen ontsluiten.
Bij watersnood zitten deze mensen bijgevolg letterlijk ingesloten. Ze kunnen niet naar hun werk, maar ook nood- en hulpdiensten geraken niet tot aan de woningen en dat is ronduit gevaarlijk. Ik heb hierover de volgende vragen voor het gemeentebestuur:
Hoe schat het gemeentebestuur deze zaak in?
Gelet op het antwoord gegeven door Mark Vanleeuw:
Hoe schat het gemeentebestuur deze zaak in?
Er is destijds een garage ingeplant geweest in het midden van de weg waardoor het kwaad is geschied. Er zijn heel wat onderzoeken gebeurd. Na een lange discussie is er vastgesteld dat er een sentier is van 87cm waarvan de doorgang ten alle tijde moet gevrijwaard worden. Een voetweg is geen openbare weg. We hebben in 2008 nagegaan of dit ooit een openbare weg is geweest. Ook de bewijslast van 30 jaar gebruik, in 2008, van deze weg door de gemeente kon niet aangeleverd worden aangezien we op dat moment 2 jaar tekort kwamen. In het GRUP werd destijds opgenomen dat de verbinding tussen de Slaperstraat en Beerbosstraat verplicht wordt voor voetgangers en fietsers en niet voor gemotoriseerd verkeer. Nog vóór de overstromingen hebben we vragen gekregen over de problematiek bij watersnood en heeft de TD onmiddellijk de opdracht gekregen om de belendende haag te trimmen. Het enige dat we kunnen doen na de laatste opmetingen is in gesprek te gaan met de belendende inwoners en betere afspraken proberen te maken.
Kennis van de vragen van de N-VA-fractie en het antwoord hierop geformuleerd door schepen Mark Vanleeuw.
Naar aanleiding van een recente woningbrand in de Grotestraat in Berbroek willen wij even aandacht vragen voor de problemen en schrijnende toestanden die dergelijke gebeurtenissen veroorzaken bij de getroffen familie.
Na de keukenbrand werd hun woning onbewoonbaar verklaard en moest de familie de nacht en de volgende dagen elders onderdak krijgen. Er was geen noodwoning van de stad beschikbaar om de mensen op te vangen. 0m van de nood een deugd te maken werd er dan gekozen voor een vakantiewoning in Lummen. Deze optie zal waarschijnlijk de enige mogelijkheid geweest zijn op dat ogenblik. Ik moet u niet vertellen dat dit “een zéér dure optie” is en deze oplossing was slechts tijdelijk. Na veertien dagen moest het getroffen gezin plaats ruimen voor andere bewoners.
Men moest, met wat nog restte van hebben en houden, verhuizen naar een andere woning in Berbroek. Deze woning, ook in de Grotestraat gelegen, is verre van ideaal voor een gezin met vier kinderen en een vader die permanent in een rolstoel zit. Er is slechts een zéér beperkte ruimte voorzien op het gelijkvloers, het behang en het geheel oogt allesbehalve fris, de slaapkamers zijn slechts via steile trappen te bereiken,... Deze vaststelling doet uiteraard niets af aan de goodwill en de inzet van de betrokken diensten en medewerkers maar maakt wel duidelijk dat er een gebrek is aan een degelijke noodwoning in onze gemeente.
Daarom hebben wij hieromtrent enkele vragen:
Kennis te nemen van de vragen van de N-VA-fractie en het antwoord hierop geformuleerd door schepen Bart Gruyters.
Vosselaar, Retie, Meerhout, Rijkevorsel, Hulshout, … zijn allemaal gemeenten die twee zaken gemeen hebben. Ze zijn in de provincie Antwerpen gelegen en ze beschikken over of zijn bezig met het opmaken van een woonomgevingsplan. In de gemeente Lille ging men nog een stapje verder: daar besliste de gemeenteraad om een vergunningenstop in te voeren voor bouwprojecten tot het woonomgevingsplan klaar is. Deze stop is niet van toepassing op één- of tweegezinswoningen en het opsplitsen van kavels in twee loten.
Een woonomgevingsplan is een richtinggevend beleidsinstrument dat handvaten biedt om toekomstige omgevingsvergunningsaanvragen in het woongebied te beoordelen aan de hand van criteria voor een goede ruimtelijke ordening. Duurzaamheid van het woonbeleid is hierbij het uitgangspunt en een verhoging van het ruimtelijke rendement moet het resultaat zijn. De stedenbouwkundige richtlijnen die bij een woonomgevingsplan horen, vervangen niet de bestaande voorschriften (zoals verkavelingsvoorschriften) en zij hebben enkel betrekking op de woonbestemmingen volgens het gewestplan.
Het opmaken van een woonomgevingsplan biedt een aantal voordelen. In de eerste plaats dient het bestuur een visie te ontwikkelen waarbij zij aangeeft wat de gewenste ontwikkelingen zijn op het vlak van wonen. Een ander voordeel is dat een woonomgevingsplan meer duidelijkheid – en rechtszekerheid – biedt aan de betrokkenen. Denk hierbij aan de grote bouwprojecten die ontwikkelaars in Herk-de-Stad wensen uit te voeren, maar die vaak op verzet met de buurt botsen omdat de schaal van het project niet aangepast is aan de omgeving. Of de onduidelijkheid die er bestaat over het opdelen van woningen in meerdere wooneenheden, waarvan één wooneenheid al dan niet ingericht wordt voor zorgwonen. In de visie kan het bestuur aangeven waar zij het woongebied wenst uit te breiden, maar ze kan evengoed aangeven waar er beter niet meer wordt gebouwd. Denk hierbij aan de woonuitbreidingsgebieden die gelegen zijn in watergevoelig of overstromingsgebied.
Door het Herkse woongebied op te splitsen in verschillende zones zoals een centrumgebied, woonwijken, randwijken, landschappelijk woonlint e.a. kan er per specifieke zone een visie en beleid ontwikkeld worden.
Beleidsplan ruimte Vlaanderen (doelstellingen);
Gemeentelijk Klimaatactieplan 2030 - Maatregel 16 - Inzetten op een planmatige aanpak van het woonbeleid;
Gemeentelijk Klimaatactieplan 2030 – Actieplan klimaatadaptatie;
Artikel 1
De vraag tot opmaak van een woonomgevingsplan voor Herk-de-Stad werd verworpen.
Om het sociaal woonaanbod versneld uit te breiden en beter geografisch te spreiden, kreeg elke gemeente vanuit Vlaanderen een binden sociaal objectief (BSO) opgelegd. Naast de 118 bestaande sociale huurwoningen, moet Herk-de-Stad bijkomend 89 sociale huurwoningen (i.e. BSO) realiseren tegen 2025. Op 31/12/2020 had Herk-de-Stad 62 van de 89 sociale huurwoningen gerealiseerd. Voor 2025 dienen er nog 27 sociale huurwoningen bijkomende gerealiseerd te worden om het BSO te bereiken.
Ondanks de 180 sociale huurwoningen die Herk-de-Stad eind 2020 telde, stonden er eind 2020 478 mensen op de wachtlijst voor een sociale huurwoning (cijfers VMSW). Zelfs met het behalen van het bindend sociaal objectief, zullen er onvoldoende sociale huurwoningen zijn om deze wachtlijst weg te werken. In de praktijk betekent dit dat mensen op deze wachtlijst meer dan zes jaar moeten wachten op een woning. Ter vergelijking: de gemiddelde wachttijd voor de provincie Limburg bedraagt bijna 5 jaar. Herk-de-Stad scoort hier dus slechter dan het Limburgse gemiddelde.
Hoewel Herk-de-Stad nog ‘slechts’ 27 sociale huurwoningen dient te realiseren tegen 31 december 2025 om het BSO te bereiken, is het de vraag hoe dit zal gerealiseerd worden. Er zijn immers geen indicaties dat de betrokken actoren (sociale huisvestingsmaatschappij, sociaal verhuurkantoor en/of via het Vlaams Woningfonds) nog plannen hebben in Herk-de-Stad.
Wetgeving
Bindend Sociaal Objectief (BSO) 2009-2025
Vragen
Kennis van de vragen van de Groenfractie en het antwoord hierop geformuleerd door schepen Marijke Berden.
Pleintjes en restplekken in de buurt zijn vaak kruispunten van veel beweging. Gemotoriseerd verkeer was er al altijd op de wegen rondom maar steeds meer fietsers en voetgangers vinden hun weg naar deze open
en rustige openbare ruimte. Vooral voor de korte afstand in de centra en de woonwijken maken steeds meer mensen gebruik van de weg om zich te verplaatsen. Te voet naar de winkel, kleine boodschappen, bezoek aan vrienden, kinderen brengen naar en afhalen van school, jonge ouders met de kinderwagen
op wandel, gezinnen met de hond, … mensen komen in de zomer en op warme dagen doorheen het jaar massaal naar buiten.
Rustpunten op die pleintjes en plekjes bieden een welgekomen verpozing voor zowel de wandelaars
als voor de (jonge) kinderen. Een bank met een klein combinatiespeeltuig (schommel, klimrek, schuifaf),
een veerspeeltuig en wat speelzand zijn al voldoende. Het pleintje aan de kerk in Berbroek en het pleintje achter de oude kerktoren in Schulen zijn perfecte voorbeelden van ideale plekken voor dergelijke speel- en verpozingsplek.
Uitgevoerd in ijzer garanderen deze speeltuigen bovendien een onderhoudsarm en vandalismevrij gebruik. En duur hoeft dat niet te zijn, overschotten op andere realisaties voldoen vaak ruimschoots voor deze bescheiden projecten.
Niet overal, niet groots en vooral strategisch gekozen vormen deze speelplekken in ieder geval een
ruime meerwaarde voor een portie aangenaam spel en plezier voor de jongsten en heilzame kwali’tijd’
en sociaal contact voor jong en oud. Meer moet dat niet zijn.
Artikel 1.
De vraag tot installatie van speelplekken op pleintjes en restplekjes werd verworpen.
Namens Gemeenteraad,
Ive Vanderlee
Plaatsvervangend Algemeen Directeur
Toon Durwael
Plaatsvervangend Voorzitter