De voorzitter opent de zitting op 12/01/2026 om 20:00.
Gelet op de ontwerpnotulen van de gemeenteraad van 12 januari 2026;
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, artikel 32;
Enig artikel.
De ontwerpnotulen van de gemeenteraad van 12 januari 2026 worden zonder opmerkingen goedgekeurd.
Gelet op het reglement Ambulante activiteiten op de openbare markten en ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten dat werd goedgekeurd tijdens de gemeenteraad van 19 mei 2008;
Gelet op het reglement Organisatie en uitoefening kermis en ambulante activiteiten in kermisgastronomie op de openbare kermissen en kermis op het openbaar domein buiten de openbare kermissen op het grondgebied van Herk-de-Stad dat werd goedgekeurd tijdens de gemeenteraad van 19 mei 2008;
Gelet op de nood aan het vernieuwen van deze reglementen.
Overwegende de steeds dunner wordende grens tussen de verschillende vormen van ambulante activiteiten, waaronder onder meer kermisexploitanten, marktkramers en andere ambulante handelaars, die steeds vaker deelnemen aan diverse openbare evenementen en uiteenlopende vormen van handelsactiviteiten;
Overwegende dat het daarom opportuun is om de bestaande afzonderlijke reglementen voor markten en kermissen te bundelen tot één geïntegreerd reglement voor ambulante activiteiten, zodat handelaars op een eenvoudige en eenduidige manier alle relevante bepalingen en informatie kunnen terugvinden met betrekking tot hun activiteiten op het openbaar domein;
Overwegende dat het nieuwe reglement de volgende onderwerpen omvat kermisactiviteiten op openbare kermissen en het openbaar domein buiten openbare kermissen, ambulante activiteiten op de openbare markten en het openbaar domein buiten de openbare markten, ambulante activiteit op rondtrekkende wijze, ambulante activiteit op privaat domein, verkopen van producten of diensten met niet-commercieel karakter, verkopen van producten via automaten op openbaar of privaat domein.
Overwegende dat het advies van de Herkse Middenstandsraad (HMR) werd gevraagd over het nieuwe reglement en dat de marktkramers met een vaste plaats en kermisexploitanten met een abonnement de mogelijkheid kregen om hun opmerkingen door te geven, zie advies in bijlage.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op het decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40;
Toepasselijke regelgeving:
Gelet op de wet van 25 juni 1993 betreffende de uitoefening en de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten, gewijzigd bij de wetten van 4 juli 2005, 20 juli 2006, 22 december 2009 en 21 januari 2013 en de decreten van 24 februari 2017 en 3 maart 2023 artikelen 8 tot en met 10;
Gelet op het koninklijk besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en organisatie van ambulante activiteiten, gewijzigd bij besluiten van de Vlaamse Regering van 21 april 2017 en 22 september 2023, artikel 15 en 23 tot en met 44;
Gelet op het koninklijk besluit van 24 september 2006 betreffende de uitoefening en organisatie van kermisactiviteiten en ambulante activiteiten in kermisgastronomie, gewijzigd bij het besluit van de Vlaamse Regering van 22 september 2023 meer bepaald de artikelen 8 tot en met 24,
Gelet op het artikel 8, §1 van de wet van 25 juni 1993 de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten op de openbare markten en kermissen, wordt geregeld bij gemeentelijk reglement;
Gelet op het artikel 9, §1 van de wet van 25 juni 1993 de organisatie van ambulante en kermisactiviteiten op het openbaar domein, buiten de openbare markten en kermissen, wordt geregeld bij gemeentelijk reglement;
Gelet op het reglement Ambulante activiteiten op de openbare markten en ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten dat werd goedgekeurd tijdens de gemeenteraad van 19 mei 2008;
Gelet op het reglement Organisatie en uitoefening kermis en ambulante activiteiten in kermisgastronomie op de openbare kermissen en kermis op het openbaar domein buiten de openbare kermissen op het grondgebied van Herk-de-Stad dat werd goedgekeurd tijdens de gemeenteraad van 19 mei 2008.
Gelet dat het nieuwe reglement voor ambulante activiteiten geen belastingen of retributies omvat.
Artikel 1.
De gemeenteraad keurt onderstaand nieuwe reglement voor ambulante activiteiten goed.
Reglement Ambulante activiteiten
1 Algemene bepalingen
Artikel 1 Doel
Het doel van het reglement is te voorzien in een regelgevend kader voor de ambulante handel, kermissen en markten die plaatsvinden op het grondgebied van Herk-de-Stad.
Artikel 2 Definities
2.1 Ambulante activiteiten
|
|
Vanuit
|
Vanuit |
| Tijdelijk |
Schorsing
|
Opschorting |
| Definitief |
Intrekking
|
Opzegging |
2.2 Markten
2.3 Kermissen
Artikel 3 Zorgvuldigheid
Standhouders zijn verplicht hun handel te organiseren en uit te voeren met de zorgvuldigheid en vooruitziendheid van een goede huisvader. Zij moeten alle redelijke maatregelen treffen om schade aan personen, goederen en infrastructuur te voorkomen. Zij moeten alle mogelijke voorzorgen treffen om de veiligheid van de bezoekers en gebruikers van hun inrichting te verzekeren.
Het gebruik van materialen, machines en voertuigen mag geen risico of hinder vormen voor andere gebruikers van de openbare ruimte.
De stad neemt geen bewaking op zich en kan niet verantwoordelijk gesteld worden voor beschadiging, diefstal of verlies van de in de inrichting tentoongestelde zaken of van de waren van bezoekers.
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris kan de onmiddellijke stopzetting bevelen van de ambulante activiteit bij het niet naleven van het reglement.
Artikel 4 Milieu- en afvalbepalingen
4.1 Afval
Ambulante handelaars moeten hun standplaats tijdens de activiteit netjes houden. De plaats moet na de activiteit volledig gereinigd worden binnen een straal van 25 meter rond de kraam en er mogen geen afval, vetten, oliën of andere stoffen achtergelaten worden.
Al het afval dat ontstaat tijdens de activiteit, zoals etensresten, groenten- of fruitafval, papier, karton, plastic verpakkingen en dozen, moet door de handelaar zelf ingezameld en correct afgevoerd worden. Dit moet gebeuren volgens de regels van het Materialendecreet en het VLAREMA (Vlaams reglement over afval- en materialenbeheer). Het is verboden afval te dumpen in openbare vuilnisbakken of te werpen op andere plaatsen op het openbaar domein.
Wie eten of drinken verkoopt om onmiddellijk te verbruiken, moet dus:
Indien de stad afvaleilanden voorziet om te voorkomen dat zwerfvuil achterblijft dan dienen handelaars deze correct te gebruiken en actief bij te dragen aan een proper openbaar domein.
4.2 Water
De ambulante handelaar is verplicht ervoor te zorgen dat het afvalwater van zijn kraam op een correcte en milieuvriendelijke manier wordt afgevoerd.
Het is verboden om de afloop van regen- of afvalwater naar de rioolmonden op eender welke wijze te belemmeren. Afwaswater en andere vuile waters moeten via waterdichte leidingen van voldoende diameter worden afgevoerd tot aan de daartoe voorziene greppels of aansluitpunten.
Frituurvet, olie en etensresten mogen onder geen beding in de riolering terechtkomen. De handelaar verzamelt deze restanten in de daarvoor voorziene vet- of restafvaltonnen.
Wanneer er riolering aanwezig is in de straat, geldt aansluitplicht voor afvalwater. Dit betekent dat al het afvalwater op de riolering moet worden aangesloten en dat de lozing moet voldoen aan de milieuwetgeving (VLAREM II).
Bij aanwezigheid van een gescheiden rioleringsstelsel is het strikt verboden om afvalwater aan te sluiten op de straatkolk, aangezien deze doorgaans uitmondt in een oppervlaktewaterloop. De handelaar dient zijn afvalwater in dat geval af te voeren naar een DWA-inspectieput of huisaansluitput voor droogweerafvoer (DWA).
In straten met een gemengd rioleringsstelsel kan een tijdelijke lozing in de straatkolk uitzonderlijk worden toegestaan, aangezien deze kolk verbonden is met de gemengde riolering. Dit is echter enkel toegelaten na goedkeuring door de technische dienst.
Daarnaast is elke ambulante handelaar die werkt met vetrijke producten (zoals frituren, bak- of braadkramen) verplicht om in zijn kraam een functionerende vetafscheider te voorzien. Deze afscheider voorkomt dat vetten en oliën in de riolering terechtkomen en draagt bij aan de goede werking van het rioleringsnet.
De handelaar is zelf verantwoordelijk voor het onderhoud en de lediging van de vetafscheider en voor het naleven van alle wettelijke bepalingen inzake afvalwaterlozing en milieuhygiëne.
4.3 Opruimingskosten
Wanneer het reglement niet nageleefd wordt, zullen de opruimingskosten en eventuele andere gemaakte kosten doorgerekend worden aan de ambulante handelaar.
Artikel 5 Beschadiging
5.1 Straatmeubilair en andere
Het is de uitbaters verboden schade toe te brengen aan het wegdek, de aanpalende wandel- en rijwegen, voetpaden, parkeerterreinen en beplanting. Onder geen enkel voorwendsel mogen uitbaters hun inrichting vasthechten aan wegen of bomen, verlichtingstoestellen of verkeerstekens.
Als voor de plaatsing van de uitbating bomen of struiken gesnoeid moeten worden, dient dit te gebeuren na voorafgaand overleg met de bevoegde gemeentelijke dienst. De waarde van eventuele schade aan straat-, laan-, parkbomen… behorende tot het openbaar domein wordt door de bevoegde gemeentelijke dienst bepaald.
5.2 Herstellingskosten
Wanneer het reglement niet nageleefd wordt, zullen de herstellingskosten en eventuele andere gemaakte kosten doorgerekend worden aan de ambulante handelaar.
Artikel 6 Geluidsbepalingen
Vanaf 22 uur tot het in dit reglement bepaalde sluitingsuur van de verschillende kermissen, dient het geluidsniveau van muziek en ander geluid aangepast te worden naar geluidsniveau categorie 1 van 85dB(A). Voor optredens of andere activiteiten die plaatsvinden tijdens de kermissen, dient telkens een aparte evenementenaanvraag ingediend te worden, waarin de nodige afwijkingen van de geluidsnorm worden aangevraagd.
6.1 Plechtigheden
Als tijdens de ambulante activiteit een openingsplechtigheid, plechtigheid in de kerk of andere plechtigheid nabij de uitbating voorzien is, dient de muziek van de kermisattracties en ander geluid uitgezet te worden.
6.2 Voorstellingen
Het is verboden voorstellingen te geven welke rechtstreeks of onrechtstreeks aanleiding geven tot enige verstoring van de openbare orde, rust, veiligheid en gezondheid.
Artikel 7 Stroom- en watervoorziening
Na sluitingstijd moet de uitbater telkens het water in zijn kraam afsluiten en de elektriciteit afzetten.
7.1 Stroomvoorziening
De uitbater dient een aanvraag te doen met betrekking tot het aansluiten van de kraam, attractie, woonwagen of andere op een ter beschikking gestelde verdeelkast van het elektriciteitsnet. De eventuele kosten voor het elektriciteitsverbruik vallen ten laste van de uitbaters.
7.2 Watervoorziening
De uitbater dient een aanvraag te doen met betrekking tot het aansluiten van de kraam, attractie, woonwagen of andere op een ter beschikking gestelde waterkraan voor water. De eventuele kosten voor het waterverbruik vallen ten laste van de uitbaters.
Artikel 8 Verkeersrichtlijnen
De ambulante handelaars dienen zich te gedragen naar het van kracht zijnde verkeersreglement.
Artikel 9 Verkoopvoorwaarden
9.1 Naam en aard
In elke inrichting van ambulante activiteit moet goed zichtbaar een bord worden aangebracht met vermelding van naam en aard van inrichting.
9.2 Prijsbeleid
Ook moet de uitbatingprijs per product of dienst, bij kermissen: rit of beurt, duidelijk zichtbaar vermeld worden en uitgedrukt in euro.
9.3 Handelswaar
Het is verboden om als uitbater van loterijen, spelen en andere lotjes te verkopen buiten hun instelling en hiermee de voorbijgangers op opdringerige wijze lastig te vallen.
9.4 Taalvereisten
De voertaal bij ambulante activiteiten is het Nederlands. De handelaar moet zich voldoende in het Nederlands kunnen uitdrukken om met de klanten, de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris te communiceren. Alle administratieve documenten en informatie over aangeboden goederen en diensten moeten in het Nederlands worden opgesteld.
2 Kermisactiviteiten op openbare kermissen
Artikel 10 Toepassingsgebied (wet art. 1 5°, art. 2 §2)
Openbare kermissen met kermisactiviteiten en ambulante activiteiten in kermisgastronomie die door het lokaal bestuur worden ingericht op het openbaar domein, namelijk op het grondgebied van de stad, en waarbij gebruik wordt gemaakt van openbare pleinen of wegen om de kermiskramen- en attracties op te bouwen.
Dit reglement is niet van toepassing op pretparken, noch op vaste kermisattracties of private kermissen.
Artikel 11 Gegevens van openbare kermissen (wet art. 8 §2)
De stad richt op het openbaar domein openbare kermissen in. De gemeenteraad geeft volmacht aan het college van burgemeester en schepenen om de locaties, data en uren voor de kermissen nader te bepalen. De goedgekeurde locaties, data en uren worden gepubliceerd op de website.
11.1 Aanmelding
Iedere abonnementhouder dient zich minstens drie maanden voor de betreffende kermis aan te melden via het digitaal platform.
11.2 Plaatsgeving
De plaatsmeester deelt aan de geabonneerde mee op welk moment deze plaats mag nemen, dit zal ten minste één week voor de opening van de kermis gebeuren via e-mail, via bericht of via een digitaal platform.
11.3 Openingstijden
Elke deelnemer aan de kermissen verbindt er zich toe opgesteld te blijven gedurende de gehele duur van de desbetreffende kermis. Vanaf het eindduur van de kermis mogen zij beginnen opruimen, niet eerder.
Als zij tijdens de verplichte openingsuren eerder wensen te sluiten is dit uitzonderlijk toegelaten voor dwingende redenen:
Hiervoor dienen ze goedkeuring te vragen aan de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris.
Omwille van veiligheidsredenen is het niet toegestaan om eerder af te rijden dan het bepaalde moment (cf. art. 11).
11.4 Ontruiming
De standplaatsen ingenomen ter gelegenheid van voorgenoemde kermissen mogen niet langer bezet worden dan de bepaalde periodes (cf. art. 11).
11.5 Specialisatie
Alle kermissen hebben een gemengd aanbod van eetkramen en attracties.
11.6 Plan van de standplaatsen
Het plan van de standplaatsen zal goedgekeurd worden door het college van burgemeester en schepenen.
Artikel 12 Voorwaarden i.v.m. toewijzing standplaatsen (wet art. 8 §2, art. 10 §1 en KB art. 4 §2 en art. 10)
De standplaatsen op een openbare kermis worden toegewezen aan: de houders van een ondernemingsnummer dat kermisactiviteiten toelaat via de persoon die de onderneming rechtsgeldig vertegenwoordigt.
Deze persoon moet de stukken voorleggen die de volgende zaken aantonen. Het gaat om het aanleveren van volgende documenten:
De plaatsmeester is gemachtigd om deze voorwaarden en de bijhorende documenten te controleren. De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris kan altijd vragen dat diegene die de onderneming rechtsgeldig vertegenwoordigt, zijn identiteitsbewijs voorlegt. Om de diversiteit van het aanbod te waarborgen is het aantal standplaatsen per onderneming onbeperkt maar ze moeten anders van aard zijn.
Artikel 13 Verhouding abonnement en losse plaatsen (KB art. 8, 9 §1)
De standplaatsen op de openbare kermissen worden toegewezen
13.1 Abonnement
Het abonnement is de regel. De standplaatsen per abonnement worden toegewezen aan de uitbater die eenzelfde standplaats op een abonnementsplaats heeft verkregen gedurende drie opeenvolgende jaren. Bij stilzwijgende verlenging van het abonnement dienen de kermisexploitanten zich in te schrijven ten laatste drie maanden voor de betreffende kermis via het digitale platform.
13.2 Losse plaatsen
De toewijzing voor de duur van de kermis is mogelijk:
13.3 Overname
Voor de berekening van de termijn, worden de opeenvolgende jaren van verkrijging van de standplaats door de overlater verrekend in het voordeel van de overnemer, op voorwaarde dat er geen onderbreking was bij de overname.
De regel van drie jaar geldt niet wanneer de standplaats werd verkregen naar aanleiding van een opschorting van het abonnement. Deze beperking is echter niet van toepassing op de persoon die daarna de nieuwe overnemer is geworden van de standplaats.
Artikel 14 Toewijzingsregels voor standplaatsen op de openbare kermissen (KB art. 13)
14.1 Vacature en kandidatuurstelling standplaats (KB art. 13 en 14)
Wanneer een standplaats vrijkomt, zal de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris deze vacature bekend maken door publicatie van een kennisgeving. Deze kennisgeving zal gebeuren door middel van één van de volgende communicatiekanalen: bericht aangeplakt aan het gemeentelijk infobord, gemeentelijke website, lokale pers, sociale media en/of één van de kermisbonden.
Het indienen van de kandidatuur voor de plaats die aangewezen is kan via e-mail of via een digitaal platform. In elk geval dient dit te gebeuren volgens de voorschriften en binnen de termijn voorzien in de kennisgeving van de vacature. Kandidaturen die hieraan niet voldoen, worden niet weerhouden.
14.2 Onderzoek van de kandidaturen (KB art. 15)
Voor de vergelijking van de kandidaturen onderzoekt de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris of voldaan is aan de voorwaarden in verband met de toewijzing (cf. art. 12).
De standplaatsen worden toegewezen op basis van één of meer van de volgende criteria:
Als de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris op basis van deze criteria, geen onderscheid tussen de kandidaturen kan maken, gebeurt de toewijzing via loting. Het openen van de kandidaturen, hun vergelijkend onderzoek, de controle van de voorwaarden en de gemotiveerde beslissing tot toewijzing van de standplaats worden opgenomen in een proces-verbaal. Deze kan geraadpleegd worden in verband met de openbaarheid van bestuur in de provincies en gemeenten (cf. wet van 7 december 2018).
14.3 Bekendmaking van de toewijzing van de standplaats (KB art. 15 §5)
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris deelt zowel aan de kandidaat die de standplaats toegewezen kreeg als aan elke niet weerhouden kandidaat de beslissing die hem aanbelangt mee via e-mail of via een digitaal platform.
Artikel 15 Het register of plan van de toegewezen standplaatsen (KB art. 16)
Een plan of register wordt bijgehouden waarin voor elke toegewezen standplaats de volgende zaken worden vermeld:
Artikel 16 Spoedprocedure (KB art. 17)
Als, in de vijftien dagen voorafgaand aan de opening van de kermis, de standplaatsen vacant blijven om één van volgende gevallen:
In deze gevallen kan er worden voorzien in een spoedprocedure die als volgt is bepaald:
Het plaatsen van uitbaters van kermisattracties of vestigingen waaraan een standplaats werd toegewezen op basis van de spoedprocedure, kan leiden tot aanpassingen aan het plan van de kermis, voor zover deze beperkt blijven en nauwkeurig worden gemotiveerd door de technische noodzakelijkheden van de toevoeging van de nieuwkomers op het kermisterrein.
De aanpassingen zullen onderworpen worden aan de goedkeuring van het eerstvolgende college van burgemeester en schepenen.
Artikel 17 Duur abonnement (KB art. 12, §1 en 2)
Het abonnement heeft een duur van vijf jaar. Na afloop wordt het stilzwijgend verlengd, behalve in de gevallen bedoeld bij de opschorting of opzegging van het abonnement (cf. art. 18). De abonnementhouder kan, op gemotiveerd verzoek, het abonnement voor een kortere duur verkrijgen. Deze aanvraag wordt ingewilligd bij de stopzetting van de activiteiten aan het einde van de loopbaan. Als zij omwille van andere motieven aangevraagd wordt, hangt het af van de beoordeling van de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris.
Artikel 18 Opschorting of opzegging door de abonnementhouder
18.1 Opschorting (KB art. 12 §3)
De abonnementhouder kan het abonnement opschorten.
| Reden |
Opschorting |
| De abonnementhouder is tijdelijk ongeschikt om zijn activiteit uit te oefenen:
|
|
| De abonnementhouder beschikt over een abonnement voor een andere kermis die op hetzelfde ogenblik plaats vindt. |
|
De opschorting impliceert de opschorting van de wederzijdse verplichtingen die uit de overeenkomst voortkomen. De vraag tot opschorting dient gebeuren via een digitaal platform. De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris bevestigt onmiddellijk de ontvangst ervan. Bij opschorting zal de kermisuitbater in geen geval aanspraak kunnen maken op een schadevergoeding, van welke aard ook.
18.2 Opzegging (KB art. 12 §4)
De abonnementhouder kan het abonnement opzeggen:
De abonnementhouder kan een vervroegde beëindiging van zijn abonnement aanvragen voor andere motieven dan deze vermeld in het eerste lid. De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris beslist over deze aanvraag. Deze aanvraag moet minstens drie maanden op voorhand worden ingediend via het digitale platform. De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris bevestigt de ontvangst ervan.
De rechthebbenden van de natuurlijke persoon die voor eigen rekening zijn activiteit uitoefent, kunnen bij zijn overlijden, zonder vooropzeg, het abonnement opzeggen waarvan hij de abonnementhouder was.
Artikel 19 Schorsing of intrekking door de stad (KB art. 12 §6)
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris kan zorgen voor de schorsing of intrekking van het abonnement:
De beslissing tot schorsing of intrekking van een abonnement wordt meegedeeld via e-mail of via een digitaal platform en treedt in werking zonder vooropzeg. Bij schorsing of intrekking zal de kermisuitbater in geen geval aanspraak kunnen maken op een schadevergoeding, van welke aard ook. Ook kosten ten gevolge van beschadiging aan het gemeentepatrimonium, aangebracht door de kermisuitbater, zullen verhaald worden op de kermisuitbater. De eventuele vervolging- en inningskosten zijn ten laste van de uitbater.
Elke kermisattractie kan op bevel van de plaatsmeester of een andere bevoegde instantie, gesloten worden en/of tot afbraak verplicht en weggevoerd worden op kosten en risico van de kermisuitbater, als hij van toepassing zijnde gemeentelijke reglementen en verordeningen of het kermisreglement overtreedt.
Artikel 20 Overdracht standplaats (KB art. 18)
De overdracht van een standplaats is toegelaten aan de overnemer:
Binnen het eerste jaar na de overdracht kan een standplaats niet opnieuw worden overgedragen, behalve na de expliciete goedkeuring van de burgemeester of zijn afgevaardigde.
De inname van de overgedragen standplaats door de overnemer is pas toegelaten als de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris heeft vastgesteld dat de overnemer voldoet aan de bepalingen (cf. art. 12 en 14).
Artikel 21 Inname standplaatsen (KB art. 11)
De standplaatsen die zijn toegewezen aan de personen (cf. art. 12 en 14) kunnen ingenomen worden door de volgende personen:
De personen, vermeld in het eerste lid, punt 2 tot en met punt 5, kunnen de standplaatsen innemen die toegewezen zijn aan de natuurlijke persoon of rechtspersoon of maatschap voor wiens rekening of wiens dienst ze de kermisactiviteit uitoefenen, buiten de aanwezigheid van de persoon aan wie of door middel van wie de standplaats is toegewezen.
Artikel 22 Vooropzeg vanuit de stad (wet art. 8 §2)
Wanneer de openbare kermis of een deel van de standplaatsen definitief wordt opgeheven, geldt een termijn van vooropzeg aan de houders van een standplaats per abonnement.
De vooropzeg wordt meegedeeld via e-mail of via een digitaal platform. Bij vooropzeg zal de kermisuitbater in geen geval aanspraak kunnen maken op een schadevergoeding, van welke aard ook.
3 Kermisactiviteiten op het openbaar domein buiten openbare kermissen
Artikel 23 Toepassingsgebied (KB art. 19 en 20)
Artikel 24 Voorwaarden i.v.m. toewijzing en inname standplaatsen (KB art. 21)
De personen die voldoen aan de voorwaarden tot het verkrijgen (cf. art. 12) en innemen van de standplaatsen op de openbare kermis (cf. art. 21) kunnen standplaatsen op het openbaar domein verkrijgen en innemen.
Artikel 25 Duur machtiging (KB art. 22)
De machtiging wordt door de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris toegekend voor een vooraf bepaalde periode.
4 Ambulante activiteiten op de openbare markten
4.1 Gegevens markt
Artikel 26 Gegevens van openbare markten (wet art. 8 §2)
De stad richt op het openbaar domein openbare markten in. Het bepalen van de plaats van de markten kan afhankelijk van de situatie gedelegeerd worden naar het college van burgemeester en schepenen.
26.1 Herk-de-Stad
Markt: Herk-de-Stad
Dag: woensdag
Oprijden: 12 uur
Beginuur: 13.45 uur
Einduur: 17 uur
26.2 Verloop
De aspecten van interne orde worden uitgeklaard in een logische volgorde van verloop: oprijden, openingstijden en afrijden.
Oprijden
De marktkramers moeten ten laatste vijf minuten voor het beginuur van de markt op hun plaats staan. Daarna is oprijden verboden om de veiligheid van de marktbezoekers en andere marktkramers te garanderen. Marktkramers die zich niet aan deze regel houden wordt telkens de toegang tot de eerstvolgende markt geweigerd.
Openingstijden
Vanaf het einduur van de markt mogen zij beginnen opruimen en afrijden, niet eerder. Marktkramers die zich niet aan deze regel houden wordt telkens de toegang tot de eerstvolgende markt geweigerd.
Als zij eerder wensen te vertrekken is dit uitzonderlijk toegelaten voor dwingende redenen:
Hiervoor dienen ze goedkeuring te vragen aan de markleider en/of de marktverantwoordelijke.
De wekelijkse marktdag vindt zijn normale doorgang ook wanneer deze samenvalt met een feestdag, met uitzondering van volgende feestdagen:
Afrijden
Een half uur na het beëindigen van de markt moeten alle voertuigen, kramen en goederen van de standplaats verwijderd zijn. Marktkramers die zich niet aan deze regel houden wordt telkens de toegang tot de eerstvolgende markt geweigerd.
26.3 Specialisatie (productcategorieën en quota)
Om tot een gevarieerd aanbod te komen op de kleinere markten werken we met productcategorieën en quota. Het werken met specialisaties kan onder meer helpen om variatie in producten en diensten op de markt te brengen. Er zijn drie grote groepen: voedingswaren, mode en andere waaronder mogelijke specialisaties zijn opgenomen. Voor elke specialisatie wordt één standplaats voorzien. Als een marktkramer een andere specialisatie wenst aan te bieden, dient hij deze duidelijk te definiëren bij zijn aanvraag en krijgt ook deze specialisatie één standplaats.
Elke kraam vertegenwoordigt maximaal één hoofdspecialisatie uit de lijst die bij de start van het abonnement aan de stad wordt doorgegeven. Een marktkramer mag naast zijn hoofdcategorie ook nevenproducten verkopen. Hij kan echter geen andere marktkramer uitsluiten die dezelfde nevenproducten aanbiedt. Wanneer een marktkramer streekproducten, ambachtelijke of biologische producten, verkoopt worden deze altijd beschouwd als een aparte categorie, ongeacht de overeenkomsten met bestaande hoofdspecialisaties.
| Voedingswaren |
Mode
|
Andere
|
|
|
|
4.2 Toewijzing standplaatsen
Artikel 27 Voorwaarden i.v.m. toewijzing standplaatsen (wet art. 8 §2, art. 10 §1 en KB art. 25)
Een standplaats op de openbare markt kan enkel toegewezen worden aan ondernemingen met een inschrijving in de Kruispuntbank van Ondernemingen (KBO) die de ambulante activiteit toelaat, via de persoon die de onderneming rechtsgeldig kan vertegenwoordigen.
Ambulante activiteiten zijn pas toegelaten als de aanvrager volgende documenten heeft aangeleverd via het digitale platform:
De marktleider aangesteld door de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris is gemachtigd om deze voorwaarden te controleren en de bijhorende documenten. Na inzending van de kandidatuur heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. De aanvraag voor een losse standplaats wordt behandeld binnen de tien werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
De standplaatsen kunnen occasioneel ook toegewezen worden aan wie producten of diensten met een niet-commercieel karakter verkoopt, te koop aanbiedt of uitstalt met het oog op de verkoop. De specialisaties zijn niet van toepassing op de occasionele verkoop met een niet-commercieel karakter (cf. art. 26.3). Met occasioneel wordt bedoeld: maximaal één keer per maand met een maximum van tien keer per jaar.
Om de diversiteit van het aanbod te waarborgen is het aantal standplaatsen per onderneming beperkt tot twee (wet art. 8).
Artikel 28 Verhouding abonnementen – losse plaatsen (KB art. 23)
De standplaatsen op de openbare markt worden toegewezen via een beslissing van de burgemeester, afgevaardigde of concessionaris. De verhouding tussen het aantal abonnementen en losse plaatsen is gebaseerd op het volgende systeem: er is minimum één voorziene plaats voor losse marktkramers. Bij afwezigheid van abonnementhouders komen er extra losse plekken ter beschikking voor losse marktkramers.
Artikel 29 Toewijzingsregels losse plaatsen (KB art. 27)
De toewijzing van losse plaatsen gebeurt na goedkeuring van de burgemeester, concessionaris of afgevaardigde en op basis van de gevraagde standplaats en specialisatie, hij maakt de toewijzing van de standplaats bekend aan de aanvrager via e-mail of via een digitaal platform. Diegene die de standplaats krijgt toegewezen, dient het verschuldigde standgeld te betalen na ontvangst van de factuur.
De toewijzing van losse standplaatsen gebeurt met voorafgaande inschrijvingen. Kandidaturen kunnen ingediend worden in overeenstemming met de bepaalde procedure voor de toewijzing van een standplaats (cf. wet art. 8 §2, art. 10 §1 en KB art. 25). Alle kandidaturen worden in een register bijgehouden.
De aanvragen worden volgens de chronologische volgorde van hun indiening toegewezen en, indien van toepassing, op basis van de gevraagde plaats en specialisatie. Als twee of meer aanvragen gelijktijdig ingediend worden, wordt de volgorde van toewijzing door de bevoegde ambtenaar bepaald. Bij afwezigheid van een abonnementhouder kan de standplaats toegewezen worden als losse plaats, waarbij geen rekening gehouden wordt met de specialisatie van het register (van abonnementen).
Artikel 30 Toewijzingsregels per abonnement op de openbare markten
30.1 Vacature en kandidatuurstelling standplaats per abonnement (KB art. 28 & 30,)
Wanneer een standplaats die per abonnement toegewezen wordt, vrijkomt, gaat de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris na of er een geschikte kandidaat is in het register van kandidaturen (cf. art. 30.2). Als het register geen geschikte kandidaat bevat, wordt een vacature bekendgemaakt op de gemeentelijke website en/of via de lokale pers en/of een bericht aangeplakt aan of digitaal gepubliceerd op het gemeentelijk infobord en/of op het infobord van de dienst.
De kandidaturen kunnen ingediend worden via een digitaal platform. Na inzending van de kandidatuur heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. Indien er binnen één maand na deze melding geen nieuwe stukken worden ontvangen wordt de aanvraagprocedure stopgezet en dient er een nieuwe aanvraag ingediend te worden. De aanvraag voor een standplaats wordt behandeld binnen de 30 werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
30.2 Register van de kandidaturen (KB art. 31)
Alle kandidaturen worden naargelang hun ontvangst bijgehouden in een register van kandidaturen met registratie van het tijdstip van de indiening van de kandidatuur. Dit register kan steeds geraadpleegd worden (cf. Bestuursdecreet van 7 december 2018).
De kandidaturen blijven geldig zolang ze niet werden aangenomen of ingetrokken door hun auteur. Eenmaal per legislatuur moeten de kandidaten opgenomen in het register hun kandidatuur intrekken om uit het register verwijderd te worden.
30.3 Volgorde van toekenning standplaatsen op basis van register (KB art. 29 en 31)
Bij het vacant komen van een standplaats per abonnement zullen met het oog op de toekenning ervan, de kandidaturen als volgt geklasseerd worden en volgens deze prioriteit behandeld worden in het register van kandidaturen:
De standplaatsen worden toegekend binnen elke categorie, volgens de gevraagde standplaats en specialisatie en tenslotte volgens datum chronologisch geordend.
Wanneer twee of meerdere aanvragen behorend tot dezelfde categorie gelijktijdig ingediend worden, wordt als volgt voorrang gegeven:
30.4 Bekendmaking van de toewijzing van de standplaatsen per abonnement (KB art. 33)
De toewijzing van de standplaats wordt bekend gemaakt aan de aanvrager via e-mail of via een digitaal platform.
30.5 Register van de standplaatsen toegewezen per abonnement (KB art. 34)
Een plan en/of register wordt bijgehouden waarin voor elke standplaats toegewezen per abonnement vermeld staat:
Dit plan of register kan steeds geraadpleegd worden (cf. Bestuursdecreet van 7 december 2018).
4.3 Abonnementen
Artikel 31 Periodiciteit van abonnement (KB art. 32 en 37)
De abonnementen worden toegekend voor een bepaalde duur van één jaar. Na verloop van deze termijn worden zij stilzwijgend verlengd telkens met één jaar, tenzij anders bepaald door de aanvrager (cf. art. 32 en 33) en behoudens intrekking bij aangetekend schrijven met ontvangstbewijs of op duurzame dragen door de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris in bepaalde gevallen (cf. art. 34 en 35).
Artikel 32 Opschorting abonnement (KB art. 32)
De abonnementhouder kan het abonnement opschorten voor een voorziene periode van tenminste drie maanden wanneer hij ongeschikt is om zijn activiteit uit te oefenen:
De opschorting gaat in de dag waarop de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris op de hoogte gebracht wordt van de ongeschiktheid en houdt op ten laatste vijf dagen na de melding van het hernemen van de activiteiten. Na afloop van de opschorting krijgt de geabonneerde zijn standplaats terug.
De opschorting impliceert de opschorting van de wederzijdse verplichtingen die uit de overeenkomst voorkomen, met uitzondering van het betaalde abonnementsgeld.
Gedurende de periode van opschorting kan de standplaats tijdelijk worden toegewezen als losse plaats. Hierbij kan dezelfde specialisatie worden toegestaan als die van het opgeschorte abonnement of een andere specialisatie, rekening houdend met de quota.
Artikel 33 Opzegging van het abonnement (KB art. 32)
De abonnementhouder kan het abonnement opzeggen:
De rechthebbenden van de natuurlijke persoon die voor eigen rekening zijn activiteit uitoefent kunnen bij zijn overlijden, zonder vooropzeg, het abonnement opzeggen waarvan hij de abonnementhouder was.
Een opschorting of opzegging van een abonnement wordt aangevraagd via het digitaal platform. Na inzending van de aanvraag heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. Deze aanvraag wordt behandeld binnen de 30 werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
Artikel 34 Schorsing en intrekking door de stad (KB art. 32, laatste lid)
De schorsing of intrekking van het abonnement zal door de burgemeester, zijn afgevaardigde of door de concessionaris worden in volgende gevallen:
De beslissing tot schorsing of intrekking wordt betekend via e-mail of via een digitaal platform.
Artikel 35 Vooropzeg vanuit de stad (wet art. 8 §2)
Wanneer de openbare markt of een deel van de standplaatsen definitief wordt opgeheven, geldt een termijn van vooropzeg aan de houders van een standplaats per abonnement.
Artikel 36 Inname standplaatsen (KB art. 26)
De standplaatsen op de openbare markt kunnen ingenomen worden door:
De personen vermeld in punten 2 tot en met 5 kunnen de standplaatsen innemen, die toegewezen zijn of onderverhuurd zijn aan de natuurlijke persoon, maatschap of rechtspersoon voor wiens rekening of in wiens dienst zij de activiteit uitoefenen, buiten de aanwezigheid van de persoon aan wie of door middel van wie de standplaats is toegewezen of onderverhuurd.
Wie niet beroepsmatig producten of diensten met een niet-commercieel karakter verkoopt, te koop aanbiedt of uitstalt, kan, mits voorafgaande toelating van de stad, ook een standplaats innemen volgens de bepaalde voorwaarden (cf. art. 47).
Artikel 37 Overdracht standplaats (KB art. 35)
De overdracht van een standplaats is toegelaten onder de volgende voorwaarden:
De marktleider aangesteld door de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris is gemachtigd om deze voorwaarden te controleren en de bijhorende documenten. Na inzending van de aanvraag heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. De aanvraag voor ambulante activiteit wordt behandeld binnen de 30 werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
De overdracht is geldig voor de resterende geldigheidsduur van het abonnement van de overlater. Ingeval van overdracht wordt het abonnement eveneens stilzwijgend vernieuwd.
De inname van de overgedragen standplaats is pas toegelaten als de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris heeft vastgesteld dat aan de hierboven vermelde voorwaarden werd voldaan.
Artikel 38 Bevoegdheid marktleider (KB art. 44)
De marktleider, aangesteld door de burgemeester of de concessionaris, is bevoegd om documenten die de identiteit van de personen die een ambulante activiteit uitoefenen en de voorwaarden voor het uitoefenen van ambulante activiteiten te controleren.
Artikel 39 Bevoegdheid marktverantwoordelijke
De marktverantwoordelijke aangesteld door de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris, is bevoegd om de goede gang van zaken van de marktactiviteiten te waarborgen in overleg met de marktleider. Hij is de vertegenwoordiger van alle marktkramers met een abonnement.
5 Ambulante activiteiten op het openbaar domein buiten de openbare markten
De stad staat vaste standplaatsen voor ambulante activiteit op het openbaar domein buiten de openbare markten toe op niet-vooraf bepaalde plaatsen.
Artikel 40 Toepassingsgebied (KB art. 38)
Eenieder die een standplaats wenst in te nemen op één of meerdere plaatsen van het openbaar domein buiten de openbare markten om ambulante activiteiten uit te oefenen, moet dit voorafgaand aanvragen bij de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris.
Artikel 41 Voorafgaande machtiging
41.1 Aanvraag machtiging
Om een standplaats in te nemen (cf. art. 36) moet voldaan zijn aan de bepaalde voorwaarden (cf. art. 27) en dient men te beschikken over een machtiging. Deze machtiging moet voorafgaand aan het uitoefenen van de ambulante activiteit aangevraagd worden bij de stad.
Na inzending van de aanvraag heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. De aanvraag voor ambulante activiteit wordt behandeld binnen de 30 werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
41.2 Beslissing machtiging
In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging met daarin vermeld:
De gevraagde machtiging kan geweigerd worden omwille van één of meerdere van onderstaande redenen:
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris zal deze reden(-en) objectief en grondig motiveren in zijn kennisgeving van de negatieve beslissing aan de aanvrager en verwijst eveneens naar rechtsmiddelen in verband met eventuele beroepsprocedures.
Artikel 42 Voorwaarden i.v.m. toewijzing en inname standplaatsen
De personen die voldoen aan de voorwaarden tot het verkrijgen (cf. art. 27) en innemen van de standplaatsen op de openbare markt (cf. art. 36) kunnen standplaatsen op het openbaar domein verkrijgen en innemen na voorafgaande aanvraag bij de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris.
Na inzending van de aanvraag via het digitaal platform, heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. De aanvraag voor ambulante activiteit wordt behandeld binnen de 30 werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
6 Ambulante activiteit op rondtrekkende wijze
Artikel 43 Toepassingsgebied (wet art. 4 en 9)
Bij een ambulante activiteit op rondtrekkende wijze verplaatst de handelaar zich langs een traject (al dan niet vooraf bepaald), waarbij een verkooppunt telkens voor een korte stoptijd wordt ingenomen. De stoptijd beperkt zich tot de duur van de directe transactie(s), waarna het traject onmiddellijk verdergezet wordt. De ambulante handelaar dient deze ambulante activiteit voorafgaand aan te vragen bij de stad.
Artikel 44 Voorafgaande machtiging
44.1 Aanvraag machtiging (KB art. 43, gewijzigd door BVR)
Om een ambulante activiteit op de openbare weg uit te oefenen (cf. art. 40 en 43), moet voldaan zijn aan de bepaalde voorwaarden (cf. art. 27) en dient men te beschikken over een machtiging. Deze machtiging dient voorafgaand aan het uitoefenen van de ambulante activiteit aangevraagd te worden bij de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris.
44.2 Beslissing machtiging
In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging met daarin vermeld:
De gevraagde machtiging kan geweigerd worden omwille van één of meerdere van onderstaande redenen:
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris zal deze reden(-en) objectief en grondig motiveren in zijn kennisgeving van de negatieve beslissing aan de aanvrager en verwijst eveneens naar rechtsmiddelen in verband met eventuele beroepsprocedures.
7 Ambulante activiteit op privaat domein
Artikel 45 Toepassingsgebied
De uitoefening van ambulante activiteiten op private plaatsen langs de openbare weg en op commerciële parkings is enkel toegelaten na
Artikel 46 Voorafgaande machtiging
46.1 Aanvraag machtiging
Een aanvraag kan gedaan worden via het digitale platform en dient te voldoen aan volgende voorwaarden:
De organisator van de ambulante activiteiten is gemachtigd om deze voorwaarden en de bijhorende documenten te controleren.
Na inzending van de kandidatuur heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. De aanvraag voor een standplaats wordt behandeld binnen de 30 werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
46.2 Beslissing machtiging
In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging op de duurzame drager e-mail.
De machtiging kan geweigerd worden in volgende gevallen:
8 Verkopen van producten of diensten met niet-commercieel karakter
Artikel 47 Specifieke voorwaarden voor verkopen met niet-commercieel karakter (KB art. 7, gewijzigd door BVR)
Onder producten of diensten met een niet-commercieel karakter wordt verstaan:
Met occasioneel wordt bedoeld: maximaal één keer per maand met een maximum van tien keer per jaar.
Eenieder die producten of diensten met niet-commercieel karakter wenst te verkopen moet voorafgaand aan het uitoefenen van de ambulante activiteit aangevraagd worden bij de burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris.
De melding omvat
Na inzending van de kandidatuur heeft de ontvanger vijftien werkdagen om ontbrekende gegevens op te vragen. De melding wordt behandeld binnen de tien werkdagen vanaf de dag waarop de aanvraag volledig is.
Afhankelijk van de beschikbare ruimte in verhouding tot de afmeting van de kraam, kan er al dan niet een plaats worden toegewezen. Indien er een volwaardige standplaats wordt ingenomen, dient er een aanvraag te worden ingediend volgens de bepaalde voorwaarden (cf. art. 29).
9 Verkopen van producten via automaten op openbaar of privaat domein
Artikel 48 Toepassingsgebied
Het plaatsen van een verkoopautomaat op het openbaar domein of private plaatsen langs de openbare weg is enkel toegelaten na een voorafgaande machtiging van het college van burgemeester en schepenen en mits het verkrijgen van een omgevingsvergunning.
Om een machtiging te verkrijgen dient deze te voldoen aan volgende voorwaarden:
Artikel 49 Voorafgaande machtiging
49.1 Aanvraag machtiging
Een aanvraag kan gedaan worden via een digitale platform en dient te voldoen aan volgende voorwaarden:
De burgemeester, zijn afgevaardigde of de concessionaris is gemachtigd om deze voorwaarden en de bijhorende documenten te controleren.
49.2 Beslissing machtiging
In geval van positieve beslissing verkrijgt de aanvrager een machtiging via e-mail of via een digitaal platform. De machtiging kan geweigerd of ingetrokken worden in volgende gevallen:
Artikel 50 Voorafgaande omgevingsvergunning
Eenieder die een verkoopautomaat wenst te installeren en uit te baten moet voorafgaandelijk een omgevingsvergunning aanvragen bij de bevoegde dienst.
10 Slotbepalingen
Artikel 51 In werking treden reglement (cf. wet art. 10, §2)
Dit reglement treedt in werking na goedkeuring van het bevoegde bestuursorgaan en heft de gemeentelijke reglementen op:
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan:
- de dienst financiën;
- de dienst lokale economie.
Gelet op de goedkeuring door de gemeenteraad van de ontwerpakte voor de aankoop van een onroerend goed, gelegen te Herk-de-Stad 1ste afdeling sectie A, nummer 502/E voor een oppervlakte van elf aren achtentwintig centiaren (11 a 28 ca) ter plaatse Kleine Hoolstraat op 12 mei 2025.
Overwegende dat de vestiging van het erfpachtrecht geschiedt voor de oprichting van een nieuwbouw, die dienst zal doen als chirolokalen;
Overwegende dat de vestiging van de erfpacht er derhalve toe strekt de effectieve en doelgerichte aanwending te verzekeren van het betrokken perceel dat volgens de geldende bestemmingsvoorschriften gelegen is in een zone van openbaar nut;
Overwegende dat om die reden het aangewezen is te voorzien in een bebouwingsverplichting binnen een redelijke termijn van vijf jaar na de vestiging van het recht van erfpacht, teneinde het ongebruikt laten of speculatief aanhouden van de grond te voorkomen;
Overwegende dat deze bepaling bijdraagt tot de bescherming van het openbaar belang en een zorgvuldig en doelmatig beheer van het patrimonium verzekert;
Overwegende dat de koppeling van deze verplichting aan een vervalclausule een proportioneel en afdwingbaar middel is om de tijdige realisatie van het beoogde project te verzekeren.
Overwegende dat om voornoemde redenen in de ontwerpakte een clausule werd opgenomen die bepaalt dat het recht van erfpacht vervalt indien de erfpachter de te bouwen nieuwe lokalen, dienstdoende als huisvesting voor de activiteiten voor hun jeugdvereniging Chiro Arika, niet in gebruik neemt binnen de vijf jaar te rekenen vanaf het verlijden van de akte;
Overwegende dat bij de goedkeuring van de ontwerpakte door het college van burgemeester en schepenen op 14 april 2025 verzocht werd deze clausule in te schrijven;
Overwegende dat door een materiële fout deze genomen bij de agendering bepaling niet werd toegevoegd in de ontwerpakte zoals voorgelegd ter goedkeuring aan de gemeenteraad van 12 mei 2025 noch dat de last expliciet werd voorzien in de beslissing van de gemeenteraad;
Overwegende dat de raad derhalve niet werd gevat deze last aan de vestiging van erfpacht op te leggen;
Overwegende dat de gemeenteraad van oordeel is dat inderdaad moet worden vermeden dat het doel van de vestiging van het erfpachtrecht niet zou gerealiseerd worden en dat het om die reden wel degelijk als last voor de erfpachtnemer dient te worden opgelegd;
Overwegende dat om die redenen de gemeenteraad thans haar goedkeuring kan hechten aan de thans voorliggende gewijzigde ontwerpakte, die voormelde clausule bevat;
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017, art. 40 en 41.
Artikel 1.
De gemeenteraad keurt de aanpassing van de ontwerpakte voor de vestiging van een erfpachtrecht en een erfdienstbaarheid van doorgang tussen Oud Leiding Chiro Arika Herk-de-Stad VZW (OLA VZW) en het stadsbestuur van Herk-de-Stad goed, waarvan kopie in de bijlage die deel uitmaakt van deze beslissing en opgesteld door de Vlaamse Overheid - Dienst Vastgoedtransacties.
Artikel 2.
De erfpachtakte voorziet in een termijn van vijf jaar, te rekenen vanaf het verlijden van de akte, binnen dewelke de erfpachtnemer de te bouwen nieuwe lokalen, dienstdoende als huisvesting voor zijn activiteiten in gebruik moet nemen op straffe van verval van de erfpacht.
Artikel 3.
Deze beslissing vervangt en annuleert de eerder genomen beslissing van de gemeenteraad van 12 mei 2025.
Artikel 4.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan:
Gelet op de decretale verplichting voor een lokaal bestuur om inspraak te organiseren.
Overwegende dat de adviesraden in Herk-de-Stad reeds sinds de jaren 1980 een belangrijke rol spelen in het inspraakproces en dat er een open en constructieve dialoog bestaat tussen het stadsbestuur en de adviesraden;
Overwegende dat via de adviesraden op een makkelijke en vlotte manier vooral het georganiseerde middenveld wordt betrokken;
Overwegende de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om al de erkende adviesraden terug samen te stellen waarna er een algemene oproep is verspreid via de gemeentelijke communicatiekanalen en via de betrokken diensten gerichte oproepingsbrieven zijn verstuurd naar de huidige leden van de raden met het verzoek hun lidmaatschap te verlengen.
Overwegende dat ook in het meerjarenplan 2026-2031 zoals heden voorgelegd aan de gemeenteraad inspraak en participatie in eerste instantie voorzien wordt via de samenwerking met de adviesraden.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op artikel 40 - 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke wetgeving:
Gelet op artikel 304, onder titel 6, hoofdstuk 2 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 waarin een aantal bepalingen zijn opgenomen rond de organisatie van inspraak en participatie met als belangrijkste aandachtspunten:
§1 De gemeenteraad voert een beleid op het vlak van de betrokkenheid en inspraak van de burgers of van de doelgroepen…
§3 …alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die als opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren.
Ten hoogste twee derde van de leden…, is van hetzelfde geslacht. Gemeenteraadsleden en leden van het college kunnen GEEN stemgerechtigd lid zijn van de raden en de overlegstructuren,…
§4 De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen ook andere initiatieven nemen om de inspraak van burgers te bevorderen.
§5 De gemeenteraad bepaalt bij reglement de wijze waarop concreet vorm gegeven wordt aan de inspraak, vermeld in paragraaf 1 t.e.m. 4, voor de gemeente en haar organen.
§6 Het college kan, onder voorwaarden die de gemeenteraad vaststelt, het beheer van budgetten voor de realisatie van bepaalde acties of projecten toevertrouwen aan wijkcomités en burgerinitiatieven…
Gelet op de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om uiterlijk tegen 15 januari 2026 volgende adviesraden terug samen te stellen: cultuuradviesraad, dierenwelzijnsraad, erfgoedraad, jeugdraad, landbouwersraad, LOKG, middenstandsraad, milieu- & natuurraad, raad van bestuur bibliotheek, sportraad, welzijnsraad en wereldraad;
Artikel 1.
Kennis te nemen van de hersamenstelling van het Minaraad en deze raad te erkennen als adviesraad inzake het lokale milieu- en klimaatbeleid.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de dienst milieu.
Gelet op de decretale verplichting voor een lokaal bestuur om inspraak te organiseren.
Overwegende dat de adviesraden in Herk-de-Stad reeds sinds de jaren 1980 een belangrijke rol spelen in het inspraakproces en dat er een open en constructieve dialoog bestaat tussen het stadsbestuur en de adviesraden;
Overwegende dat via de adviesraden op een makkelijke en vlotte manier vooral het georganiseerde middenveld wordt betrokken;
Overwegende de hersamenstelling van de erfgoedraad op 27 november 2025;
Overwegende de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om al de erkende adviesraden terug samen te stellen waarna er een algemene oproep is verspreid via de gemeentelijke communicatiekanalen en via de betrokken diensten gerichte oproepingsbrieven zijn verstuurd naar de huidige leden van de raden met het verzoek hun lidmaatschap te verlengen.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op artikel 40 - 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke wetgeving:
Gelet op artikel 304, onder titel 6, hoofdstuk 2 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 waarin een aantal bepalingen zijn opgenomen rond de organisatie van inspraak en participatie met als belangrijkste aandachtspunten:
§1 De gemeenteraad voert een beleid op het vlak van de betrokkenheid en inspraak van de burgers of van de doelgroepen…
§3 …alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die als opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren.
Ten hoogste twee derde van de leden…, is van hetzelfde geslacht. Gemeenteraadsleden en leden van het college kunnen GEEN stemgerechtigd lid zijn van de raden en de overlegstructuren,…
§4 De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen ook andere initiatieven nemen om de inspraak van burgers te bevorderen.
§5 De gemeenteraad bepaalt bij reglement de wijze waarop concreet vorm gegeven wordt aan de inspraak, vermeld in paragraaf 1 t.e.m. 4, voor de gemeente en haar organen.
§6 Het college kan, onder voorwaarden die de gemeenteraad vaststelt, het beheer van budgetten voor de realisatie van bepaalde acties of projecten toevertrouwen aan wijkcomités en burgerinitiatieven…
Gelet op de artikels 6-7-8 van de cultuurpactwet van 16 juli 1973 die het volgende bepalen:
Art. 6 Elke overheid moet alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid…
Art. 7 Deze organen van advies worden zo samengesteld dat de vertegenwoordiging van de ideologische en filosofische strekkingen alsmede van de gebruikersgroeperingen wordt verzekerd en dat een onrechtmatig overwicht van één der strekkingen of van een geheel van organisaties van gebruikers die beweren tot één strekking te behoren, vermeden wordt
Art. 8 Gebruikers en strekkingen moeten volgens een billijke en democratische en werkelijke vertegenwoordiging met medebeslissende of adviserende stem betrokken worden bij het beheer van gemeentelijke culturele instellingen.
Gelet op de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om uiterlijk tegen 15 januari 2026 volgende adviesraden terug samen te stellen: cultuuradviesraad, dierenwelzijnsraad, erfgoedraad, jeugdraad, landbouwersraad, LOKG, middenstandsraad, milieu- & natuurraad, raad van bestuur bibliotheek, sportraad, welzijnsraad en wereldraad;
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de kandidaturen en gaat akkoord met de hersamenstelling van de erfgoedraad en deze raad te erkennen als adviesraad inzake het erfgoedbeleid.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de erfgoedraad.
Gelet op de decretale verplichting voor een lokaal bestuur om inspraak te organiseren.
Overwegende dat de adviesraden in Herk-de-Stad reeds sinds de jaren 1980 een belangrijke rol spelen in het inspraakproces en dat er een open en constructieve dialoog bestaat tussen het stadsbestuur en de adviesraden;
Overwegende dat via de adviesraden op een makkelijke en vlotte manier vooral het georganiseerde middenveld wordt betrokken;
Overwegende de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om al de erkende adviesraden terug samen te stellen waarna er een algemene oproep is verspreid via de gemeentelijke communicatiekanalen en via de betrokken diensten gerichte oproepingsbrieven zijn verstuurd naar de huidige leden van de raden met het verzoek hun lidmaatschap te verlengen;
Overwegende dat artikel 5 van het organiek reglement voorziet dat de raad van bestuur uit minimum 5 en maximum 15 leden kan bestaan;
Overwegende dat er zich 5 kandidaten hebben aangemeld;
Overwegende de hersamenstelling van de raad van bestuur van de bibliotheek op 3 december 2025.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op artikel 40 - 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke wetgeving:
Gelet op artikel 304, onder titel 6, hoofdstuk 2 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 waarin een aantal bepalingen zijn opgenomen rond de organisatie van inspraak en participatie met als belangrijkste aandachtspunten:
§1 De gemeenteraad voert een beleid op het vlak van de betrokkenheid en inspraak van de burgers of van de doelgroepen…
§3 …alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die als opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren.
Ten hoogste twee derde van de leden…, is van hetzelfde geslacht. Gemeenteraadsleden en leden van het college kunnen GEEN stemgerechtigd lid zijn van de raden en de overlegstructuren,…
§4 De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen ook andere initiatieven nemen om de inspraak van burgers te bevorderen.
§5 De gemeenteraad bepaalt bij reglement de wijze waarop concreet vorm gegeven wordt aan de inspraak, vermeld in paragraaf 1 t.e.m. 4, voor de gemeente en haar organen.
§6 Het college kan, onder voorwaarden die de gemeenteraad vaststelt, het beheer van budgetten voor de realisatie van bepaalde acties of projecten toevertrouwen aan wijkcomités en burgerinitiatieven…
Gelet op de artikels 6-7-8 van de cultuurpactwet van 16 juli 1973 die het volgende bepalen:
Art. 6 Elke overheid moet alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid…
Art. 7 Deze organen van advies worden zo samengesteld dat de vertegenwoordiging van de ideologische en filosofische strekkingen alsmede van de gebruikersgroeperingen wordt verzekerd en dat een onrechtmatig overwicht van één der strekkingen of van een geheel van organisaties van gebruikers die beweren tot één strekking te behoren, vermeden wordt
Art. 8 Gebruikers en strekkingen moeten volgens een billijke en democratische en werkelijke vertegenwoordiging met medebeslissende of adviserende stem betrokken worden bij het beheer van gemeentelijke culturele instellingen.
Gelet op de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om uiterlijk tegen 15 januari 2026 volgende adviesraden terug samen te stellen: cultuuradviesraad, dierenwelzijnsraad, erfgoedraad, jeugdraad, landbouwersraad, LOKG, middenstandsraad, milieu- & natuurraad, raad van bestuur bibliotheek, sportraad, welzijnsraad en wereldraad;
Gelet op de goedkeuring van het organiek reglement door de gemeenteraad van 24 juni 2029.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de kandidaturen en gaat akkoord met de hersamenstelling van de raad van bestuur van de bibliotheek en deze raad te erkennen als beheerraad van de bibliotheek en als adviesraad inzake bibliotheekbeleid.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de raad van bestuur van de bibliotheek.
Gelet op de decretale verplichting voor een lokaal bestuur om inspraak te organiseren.
Overwegende dat de adviesraden in Herk-de-Stad reeds sinds de jaren 1980 een belangrijke rol spelen in het inspraakproces en dat er een open en constructieve dialoog bestaat tussen het stadsbestuur en de adviesraden;
Overwegende dat via de adviesraden op een makkelijke en vlotte manier vooral het georganiseerde middenveld wordt betrokken;
Overwegende de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om al de erkende adviesraden terug samen te stellen waarna er een algemene oproep is verspreid via de gemeentelijke communicatiekanalen en via de betrokken diensten gerichte oproepingsbrieven zijn verstuurd naar de huidige leden van de raden met het verzoek hun lidmaatschap te verlengen;
Overwegende de hersamenstelling van de sportraad op 27 november 2025.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op artikel 40 - 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke wetgeving:
Gelet op artikel 304, onder titel 6, hoofdstuk 2 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 waarin een aantal bepalingen zijn opgenomen rond de organisatie van inspraak en participatie met als belangrijkste aandachtspunten:
§1 De gemeenteraad voert een beleid op het vlak van de betrokkenheid en inspraak van de burgers of van de doelgroepen…
§3 …alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die als opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren.
Ten hoogste twee derde van de leden…, is van hetzelfde geslacht. Gemeenteraadsleden en leden van het college kunnen GEEN stemgerechtigd lid zijn van de raden en de overlegstructuren,…
§4 De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen ook andere initiatieven nemen om de inspraak van burgers te bevorderen.
§5 De gemeenteraad bepaalt bij reglement de wijze waarop concreet vorm gegeven wordt aan de inspraak, vermeld in paragraaf 1 t.e.m. 4, voor de gemeente en haar organen.
§6 Het college kan, onder voorwaarden die de gemeenteraad vaststelt, het beheer van budgetten voor de realisatie van bepaalde acties of projecten toevertrouwen aan wijkcomités en burgerinitiatieven…
Gelet op de artikels 6-7-8 van de cultuurpactwet van 16 juli 1973 die het volgende bepalen:
Art. 6 Elke overheid moet alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid…
Art. 7 Deze organen van advies worden zo samengesteld dat de vertegenwoordiging van de ideologische en filosofische strekkingen alsmede van de gebruikersgroeperingen wordt verzekerd en dat een onrechtmatig overwicht van één der strekkingen of van een geheel van organisaties van gebruikers die beweren tot één strekking te behoren, vermeden wordt
Art. 8 Gebruikers en strekkingen moeten volgens een billijke en democratische en werkelijke vertegenwoordiging met medebeslissende of adviserende stem betrokken worden bij het beheer van gemeentelijke culturele instellingen.
Gelet op de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om uiterlijk tegen 15 januari 2026 volgende adviesraden terug samen te stellen: cultuuradviesraad, dierenwelzijnsraad, erfgoedraad, jeugdraad, landbouwersraad, LOKG, middenstandsraad, milieu- & natuurraad, raad van bestuur bibliotheek, sportraad, welzijnsraad en wereldraad.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de kandidaturen en gaat akkoord met de hersamenstelling van de sportraad en deze raad te erkennen als adviesraad inzake sportbeleid.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de sportraad.
Gelet op de decretale verplichting voor een lokaal bestuur om inspraak te organiseren.
Overwegende dat de adviesraden in Herk-de-Stad reeds sinds de jaren 1980 een belangrijke rol spelen in het inspraakproces en dat er een open en constructieve dialoog bestaat tussen het stadsbestuur en de adviesraden;
Overwegende dat via de adviesraden op een makkelijke en vlotte manier vooral het georganiseerde middenveld wordt betrokken;
Overwegende de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om al de erkende adviesraden terug samen te stellen waarna er een algemene oproep is verspreid via de gemeentelijke communicatiekanalen en via de betrokken diensten gerichte oproepingsbrieven zijn verstuurd naar de huidige leden van de raden met het verzoek hun lidmaatschap te verlengen;
Overwegende de hersamenstelling van de jeugdraad op 3 december 2025;
Overwegende dat er binnen de jeugdraad niet met vaste afgevaardigden per vereniging wordt gewerkt.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op artikel 40 - 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke wetgeving:
Gelet op artikel 304, onder titel 6, hoofdstuk 2 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 waarin een aantal bepalingen zijn opgenomen rond de organisatie van inspraak en participatie met als belangrijkste aandachtspunten:
§1 De gemeenteraad voert een beleid op het vlak van de betrokkenheid en inspraak van de burgers of van de doelgroepen…
§3 …alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die als opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren.
Ten hoogste twee derde van de leden…, is van hetzelfde geslacht. Gemeenteraadsleden en leden van het college kunnen GEEN stemgerechtigd lid zijn van de raden en de overlegstructuren,…
§4 De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen ook andere initiatieven nemen om de inspraak van burgers te bevorderen.
§5 De gemeenteraad bepaalt bij reglement de wijze waarop concreet vorm gegeven wordt aan de inspraak, vermeld in paragraaf 1 t.e.m. 4, voor de gemeente en haar organen.
§6 Het college kan, onder voorwaarden die de gemeenteraad vaststelt, het beheer van budgetten voor de realisatie van bepaalde acties of projecten toevertrouwen aan wijkcomités en burgerinitiatieven…
Gelet op de artikels 6-7-8 van de cultuurpactwet van 16 juli 1973 die het volgende bepalen:
Art. 6 Elke overheid moet alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid…
Art. 7 Deze organen van advies worden zo samengesteld dat de vertegenwoordiging van de ideologische en filosofische strekkingen alsmede van de gebruikersgroeperingen wordt verzekerd en dat een onrechtmatig overwicht van één der strekkingen of van een geheel van organisaties van gebruikers die beweren tot één strekking te behoren, vermeden wordt
Art. 8 Gebruikers en strekkingen moeten volgens een billijke en democratische en werkelijke vertegenwoordiging met medebeslissende of adviserende stem betrokken worden bij het beheer van gemeentelijke culturele instellingen.
Gelet op de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om uiterlijk tegen 15 januari 2026 volgende adviesraden terug samen te stellen: cultuuradviesraad, dierenwelzijnsraad, erfgoedraad, jeugdraad, landbouwersraad, LOKG, middenstandsraad, milieu- & natuurraad, raad van bestuur bibliotheek, sportraad, welzijnsraad en wereldraad.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de kandidaturen en gaat akkoord met de hersamenstelling van de jeugdraad en deze raad te erkennen als adviesraad inzake jeugdbeleid.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de jeugdraad.
Gelet op de decretale verplichting voor een lokaal bestuur om inspraak te organiseren.
Overwegende dat de adviesraden in Herk-de-Stad reeds sinds de jaren 1980 een belangrijke rol spelen in het inspraakproces en dat er een open en constructieve dialoog bestaat tussen het stadsbestuur en de adviesraden;
Overwegende dat via de adviesraden op een makkelijke en vlotte manier vooral het georganiseerde middenveld wordt betrokken;
Overwegende de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om al de erkende adviesraden terug samen te stellen waarna er een algemene oproep is verspreid via de gemeentelijke communicatiekanalen en via de betrokken diensten gerichte oproepingsbrieven zijn verstuurd naar de huidige leden van de raden met het verzoek hun lidmaatschap te verlengen;
Overwegende de hersamenstelling van de welzijnsraad op 9 december 2025.
Bevoegdheidsgrond
Gelet op artikel 40 - 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke wetgeving
Gelet op artikel 304, onder titel 6, hoofdstuk 2 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 waarin een aantal bepalingen zijn opgenomen rond de organisatie van inspraak en participatie met als belangrijkste aandachtspunten:
§1 De gemeenteraad voert een beleid op het vlak van de betrokkenheid en inspraak van de burgers of van de doelgroepen…
§3 …alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die als opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren.
Ten hoogste twee derde van de leden…, is van hetzelfde geslacht. Gemeenteraadsleden en leden van het college kunnen GEEN stemgerechtigd lid zijn van de raden en de overlegstructuren,…
§4 De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen ook andere initiatieven nemen om de inspraak van burgers te bevorderen.
§5 De gemeenteraad bepaalt bij reglement de wijze waarop concreet vorm gegeven wordt aan de inspraak, vermeld in paragraaf 1 t.e.m. 4, voor de gemeente en haar organen.
§6 Het college kan, onder voorwaarden die de gemeenteraad vaststelt, het beheer van budgetten voor de realisatie van bepaalde acties of projecten toevertrouwen aan wijkcomités en burgerinitiatieven…
Gelet op de artikels 6-7-8 van de cultuurpactwet van 16 juli 1973 die het volgende bepalen:
Art. 6 Elke overheid moet alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid…
Art. 7 Deze organen van advies worden zo samengesteld dat de vertegenwoordiging van de ideologische en filosofische strekkingen alsmede van de gebruikersgroeperingen wordt verzekerd en dat een onrechtmatig overwicht van één der strekkingen of van een geheel van organisaties van gebruikers die beweren tot één strekking te behoren, vermeden wordt
Art. 8 Gebruikers en strekkingen moeten volgens een billijke en democratische en werkelijke vertegenwoordiging met medebeslissende of adviserende stem betrokken worden bij het beheer van gemeentelijke culturele instellingen.
Gelet op de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om uiterlijk tegen 15 januari 2026 volgende adviesraden terug samen te stellen: cultuuradviesraad, dierenwelzijnsraad, erfgoedraad, jeugdraad, landbouwersraad, LOKG, middenstandsraad, milieu- & natuurraad, raad van bestuur bibliotheek, sportraad, welzijnsraad en wereldraad.
geen
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de kandidaturen en gaat akkoord met de hersamenstelling van de welzijnsraad en deze raad te erkennen als adviesraad inzake het lokale beleid rond senioren, kwetsbare inwoners en gehandicapten en als beheersorgaan van dienstencentrum De Cirkel.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de welzijnsraad.
Gelet op de decretale verplichting voor een lokaal bestuur om inspraak te organiseren.
Overwegende dat de adviesraden in Herk-de-Stad reeds sinds de jaren 1980 een belangrijke rol spelen in het inspraakproces en dat er een open en constructieve dialoog bestaat tussen het stadsbestuur en de adviesraden;
Overwegende dat via de adviesraden op een makkelijke en vlotte manier vooral het georganiseerde middenveld wordt betrokken;
Overwegende de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om al de erkende adviesraden terug samen te stellen waarna er een algemene oproep is verspreid via de gemeentelijke communicatiekanalen en via de betrokken diensten gerichte oproepingsbrieven zijn verstuurd naar de huidige leden van de raden met het verzoek hun lidmaatschap te verlengen;
Overwegende de hersamenstelling van de cultuuradviesraad op 11 december 2025.
Bevoegdheidsgrond
Gelet op artikel 40 - 41 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017;
Toepasselijke wetgeving
Gelet op artikel 304, onder titel 6, hoofdstuk 2 van het decreet over het lokaal bestuur van 22 december 2017 waarin een aantal bepalingen zijn opgenomen rond de organisatie van inspraak en participatie met als belangrijkste aandachtspunten:
§1 De gemeenteraad voert een beleid op het vlak van de betrokkenheid en inspraak van de burgers of van de doelgroepen…
§3 …alleen de gemeenteraad kan overgaan tot de organisatie van raden en overlegstructuren die als opdracht hebben op regelmatige en systematische wijze het gemeentebestuur te adviseren.
Ten hoogste twee derde van de leden…, is van hetzelfde geslacht. Gemeenteraadsleden en leden van het college kunnen GEEN stemgerechtigd lid zijn van de raden en de overlegstructuren,…
§4 De gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn kunnen ook andere initiatieven nemen om de inspraak van burgers te bevorderen.
§5 De gemeenteraad bepaalt bij reglement de wijze waarop concreet vorm gegeven wordt aan de inspraak, vermeld in paragraaf 1 t.e.m. 4, voor de gemeente en haar organen.
§6 Het college kan, onder voorwaarden die de gemeenteraad vaststelt, het beheer van budgetten voor de realisatie van bepaalde acties of projecten toevertrouwen aan wijkcomités en burgerinitiatieven…
Gelet op de artikels 6-7-8 van de cultuurpactwet van 16 juli 1973 die het volgende bepalen:
Art. 6 Elke overheid moet alle erkende representatieve verenigingen en alle ideologische en filosofische strekkingen betrekken bij de voorbereiding en de uitvoering van het cultuurbeleid…
Art. 7 Deze organen van advies worden zo samengesteld dat de vertegenwoordiging van de ideologische en filosofische strekkingen alsmede van de gebruikersgroeperingen wordt verzekerd en dat een onrechtmatig overwicht van één der strekkingen of van een geheel van organisaties van gebruikers die beweren tot één strekking te behoren, vermeden wordt
Art. 8 Gebruikers en strekkingen moeten volgens een billijke en democratische en werkelijke vertegenwoordiging met medebeslissende of adviserende stem betrokken worden bij het beheer van gemeentelijke culturele instellingen.
Gelet op de collegebeslissing van 13 oktober 2025 om uiterlijk tegen 15 januari 2026 volgende adviesraden terug samen te stellen: cultuuradviesraad, dierenwelzijnsraad, erfgoedraad, jeugdraad, landbouwersraad, LOKG, middenstandsraad, milieu- & natuurraad, raad van bestuur bibliotheek, sportraad, welzijnsraad en wereldraad.
geen
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van de kandidaturen en gaat akkoord met de hersamenstelling van de cultuuradviesraad en deze raad te erkennen als adviesraad inzake cultuurbeleid en beheersorgaan van gemeenschapscentrum De Markthallen.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de cultuurraad.
Gelet op het evaluatieverslag van welzijnsvereniging Audio betreffende de werking en activiteiten in het jaar 2019-2024;
Gelet op het feit dat conform artikel 492 van het decreet over het lokaal bestuur Audio als welzijnsvereniging in de loop van het eerste jaar na de volledige vernieuwing van de raden voor maatschappelijk welzijn (lees: 2025) een evaluatieverslag voorlegt aan de raden van de deelgenoten.
Overwegende dat het evaluatieverslag op 15 december 2025 bezorgd werd aan het college van burgemeester en schepenen en ter kennisname voorgelegd wordt aan de gemeenteraad;
Overwegende dat het verslag een overzicht bevat van de gerealiseerde doelstellingen, activiteiten en financiële verantwoording.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40 + 41;
Toepasselijke regelgeving:
Gelet op het decreet over het lokaal bestuur, inzonderheid op:
Gelet op het raadsbesluit van 21 januari 2020 houdende de toetreding tot de welzijnsvereniging Audio, de goedkeuring van het intern auditcharter en de oprichting van een plaatselijk auditcomité.
Artikel 1.
De gemeenteraad neemt kennis van het evaluatieverslag van welzijnsvereniging Audio voor het jaar 2019-2024.
Artikel 2.
Onderhavig raadsbesluit in toepassing van artikel 286 tot en met 288 van het decreet lokaal bestuur van 22 december 2017 mee te delen aan de heer Provinciegouverneur terwijl een afschrift van deze beslissing ter kennisgeving en uitvoering wordt overgemaakt aan de welzijnsvereniging Audio, Bischoffsheimlaan 1-8 – 1000 Brussel (bart.depauw@audio-lokaal.be).
Gelet op de kennisgeving van de verschillende proces-verbaal vergaderingen.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 40+41.
Enig artikel.
De gemeenteraad neemt kennis van :
- Fluvius Opdrachthoudende Vereniging: Goedgekeurde notulen Raad van Bestuur van 22 oktober 2025;
- Fluvius Limburg: Goedgekeurde notulen Regionaal Bestuurscomité Oost van 17 september 2025;
- Fluvius Limburg: Goedgekeurde notulen Regionaal Bestuurscomité Noord van 29 september 2025;
- Fluvius Limburg: Goedgekeurde notulen Regionaal Bestuurscomité Zuid-West van 30 september 2025;
- Fluvius Limburg: Goedgekeurde notulen Raad van Bestuur van 13 oktober 2025;
- Fluvius Limburg: Goedgekeurde notulen Raad van Bestuur van 21 november 2025;
- s-Lim Dienstverlenende Vereniging: Goedgekeurde notulen Raad van Bestuur van 22 oktober 2025;
- Audio: Ontwerpverslag Algemene Vergadering van 12 december 2025 (inclusief bijlagen);
- De Watergroep: Aandeelhoudersbestuur drinkwater van 3 december 2025: Verslag, presentatie en aanwezigheidslijst
Gelet op de inkomende briefwisseling die ter kennis gebracht dient te worden aan de leden van de gemeenteraad.
Bevoegdheidsgrond:
Gelet op het Decreet Lokaal Bestuur van 22 december 2017, artikel 29.
Enig artikel.
De gemeenteraad neemt kennis van volgende briefwisseling :
- Mail 01/12/2025 van de heer François Peeters: vrijmaken stoepen zomerbars
- Aangetekend schrijven 28/11/2025 van AEI ISTAS bv: Aanbesteding administratief centrum Herk-de-Stad - Aanbesteding nr 2024-0588 sluiting van de opdracht op 25 april 2025;
De voorzitter sluit de zitting op 12/01/2026 om 20:44.
Namens Gemeenteraad,
Sammy De Ridder
Plaatsvervangend Algemeen Directeur
Jimmy Graulus
Voorzitter